nr114
maart-april 2005

VB

De vorige twee nummers van De Witte Raaf besloten telkens met een bijdrage over het VB op de achterpagina. Deze keer openen we ermee. Jan Blommaert beschrijft hoe het VB de politieke agenda van de afgelopen 15 jaren inhoudelijk en formeel heeft bepaald, en wat daarin de rol van de media is geweest. Een weinig bemoedigende analyse, die laat zien dat het einde van de catastrofe nog lang niet in zicht is. Ten minste tot oktober 2006 – de gemeenteraadsverkiezingen in België, en in Antwerpen in het bijzonder – zullen we aandacht besteden aan het VB, aan de manier waarop deze racistische partij te werk gaat én hoe de media haar in beeld laten verschijnen (de reeks staat onder leiding van Koen Brams, Bart Meuleman & Dirk Pültau).

Ook in de cultuurpolitiek laat de nefaste invloed van het VB zich gelden, met alle hysterische gevolgen vandien. Het recentste voorbeeld is het opiniestuk van Gerard Mortier in De Standaard, naar aanleiding van zijn bekroning met de prijs voor Algemene Culturele Verdienste van de Vlaamse Gemeenschap. In een mengeling van masochisme en zelfoverschatting vraagt hij zich af waarom de verenigde cultuurmakers er niet in geslaagd zijn de opmars van extreem-rechts te verhinderen. Alsof met name zij de sleutel in handen hebben. Erger nog is dat hij er een dubbele agenda op nahoudt. Achter zijn  uitval naar cultureel Antwerpen schuilt immers een  platchauvinistisch pleidooi voor zijn muziekforum in de stad Gent, ten nadele van het MAS.

Alvast in De Standaard – de krant die nu al voor de tweede keer een open tribune van Dewinter publiceert en dus volhardt in de boosheid – gaat men lustig mee in zoveel nonsens. Chef Cultuur & Media Peter Vantyghem schrijft sussend dat Mortier het misschien handiger had kunnen aanpakken, en dat zijn oordeel misschien niet helemaal juist was, maar hij vermoedt ook dat Mortier “dieper wilde gaan”. “Als zo iemand onverwachte dingen zegt, moeten we ze ernstig nemen”, schrijft Vantyghem. Hij zit er glad naast. Het zogenaamde debat dat Mortier wil openen is een non-debat en een triest bewijs dat men zich inmiddels ook in culturele middens heeft uitgeleverd aan de vieze stijl van het VB. 

Verder in dit nummer: nieuwe stukken over de werkplek, met reflecties over de computer als werkplaats van de beeldend kunstenaar (Jorinde Seijdel), over het manuscript als werkplaats van de schrijver (Dirk Van Hulle), en over de werkplek als utopische bron voor de kunsthistoricus (Geert Bekaert over Daniel Arasse). Eddy Bettens bespreekt een boek dat beloofde over het atelier van de schrijver te gaan, en Dirk Lauwaert reconstrueert de ontmoeting tussen een jonge actrice (Romy Schneider), een oude cineast (Luchino Visconti) en een bejaarde couturière (Coco Chanel). Ten slotte bevat het nummer ruime besprekingen van een tentoonstelling in Nederland (Maaike Bleeker over Life, Once More in Witte de With) en één in België (Koen Brams en Dirk Pültau over Dear ICC in het MuHKA). 

ESSAYS

Blokspraak

Jan Blommaert

In het hart van het ontstaan

De computer als werkplek van de kunstenaar

Jorinde Seijdel

Een flauwe grap

Eddy Bettens

De intimiteit van de werkplek

Kunstgeschiedenis volgens Daniel Arasse

Geert Bekaert

Kijk zonder mouwen!

Chanel, Visconti en Romy Schneider 'aan het werk'

Dirk Lauwaert

Nostalgia for an age that never existed

Over Life, Once More

Maaike Bleeker

BESPREKINGEN


beeldende kunst


Louvre in Lens

Lieven Van Den Abeele

Magritte en de fotografie

Bart Verschaffel

Garry Winogrand

Steven Humblet

Lukas Einsele

Kees Keijer

Stanley Brouwn

Wouter Van Acker

Job Koelewijn

Kees Keijer

architectuur


De Coker Gallery

Fredie Floré

b&k+ Architecten

Dries Vande Velde

Herzog & De Meuron

Indira Van 't Klooster

publicaties


← back