Filip De Keyser

DE WITTE RAAF

Editie 61 mei-juni 1996

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Fotografische momenten

Waarbij ‘fotografische’ cursief dient gelezen te worden: fotografische. Om duidelijk te maken dat het om fotografie gaat: fotografie. Wat in hoofdzaak verwijst naar het quasi onontkoombare feit dat iemand ter vervaardiging van een beeld een fototoestel heeft gebruikt: een camera.. Wat met zich brengt dat deze persoon (m/v) nu eens ‘fotograaf’ genoemd dient te worden: fotograaf, dan weer kunstenaar: kunstenaar

In het Gentse Museum van Hedendaagse Kunst is momenteel de tentoonstelling “fotografische momenten” te zien en als men daar al iets mee wou vertellen, dan blijft onduidelijk wát. In het persbericht wordt ze letterlijk aangekondigd als “tegenhanger van Carl De Keyzer”, de Gentse Magnumfotograaf die met zijn Oost-Europa-project “East of Eden” en het verzoeknummer voor Jan Hoet “Images of Power. Part 1” zijn derde en tot nu meest glorieuze expo in het Citadelpark neerzette. Zijn meest op-het-museum-afgestemde tentoonstelling, ook. Zeker bij de Powerbeelden, een reeks over macht die eigenlijk pas rond het jaar 2000 zal afgerond worden, kan je daar niet naast. Stevige blow ups van kleuropnamen die in joekels van lijsten een manifest eind boven ooghoogte hangen te hangen en historiestukken worden genoemd. Maar niettemin: een ‘tegenhanger’, dus. Van wat? 

De “fotografische momenten” die Jan Hoet samensprokkelde, stammen uit de eigen verzameling, de collectie van de Stichting Artimo Breda en de collecties van het FRAC Nord-Pas-de-Calais (hem welbekend als lid van de FRAC-aankoopcommissie en waaruit overigens een pák foto’s al te zien was, een tijd terug in het Brusselse Old England). Een gelegenheidsratatouille van beelden, die met horten en stoten stelt dat fotografie - aldus hetzelfde persbericht - vandaag “probleemloos als een kunst op zich beschouwd wordt” en “een vanzelfsprekend mogelijk medium in de beeldende kunst” is. Een fotografietentoonstelling is hier: een tentoonstelling met foto’s, alsof een tentoonstelling met tekeningen zou kunnen volstaan met het naast elkaar hangen van een stapel tekeningen, alle gerealiseerd met een Gilbert-potlood n°2.

Jawel. Er is op zich betoverend materiaal te zien: voor het eerst in het Gentse museum een consistente reeks Friedlanders, een story van Duane Michals en zelfs een paar (nogal fletse) prints van Cartier-Bresson - van wie tot mijn verbazing naar verluidt ook al 20 jaar terug in het museum een foto zou getoond zijn - er is sterk recent werk van Liza May Post, Per Barclay of Dirk Braeckman aanwezig. En ja, er vallen interessante vaststellingen te maken: dat Marc Triviers portretten bijvoorbeeld weinig of niets om zich heen verdragen, zeker geen Serrano, of dat Marcel Mariëns foto’s allesbehalve slijtvast zijn.

In hoofdzaak komt bij “fotografische momenten” echter een onduidelijke en juist al te ‘probleemloze’ omgang met fotografie bovendrijven. En die heeft niet zozeer te maken met de losse pols en de beperkte tijd&middelen waarmee deze tentoonstelling er moest komen, maar met de fragmentaire visie die nogal wat verantwoordelijken voor hedendaagse kunst hebben op fotografie en op de geschiedenis van de fotografie. Niet enkel schuiven ze (wegens onbekend?) die hele geschiedenis van het fotografische beeld vaak terzijde als een ontwikkeling die sinds 1839 slechts sporadisch en dan nog marginaal de kunstgeschiedenis komt lastig vallen. Meer nog: niet zelden begint voor hen die geschiedenis pas echt ergens in de loop van de jaren 1960 en blijft dan in regel geaxeerd op foto’s die tot kunstmusea en -galeries doordrongen. Een ruim en complex discours over beelden - waarin om maar iets te zeggen bijvoorbeeld ook de roots van Carl De Keyzer te vinden zouden zijn - wordt hierbij veronachtzaamd. Een twijfelend documentair fotograaf die zich met zijn actuele werk zowat tussen twee stoelen voelt hangen, verdiende beter dan een ‘tegenhanger’ op basis van ‘momenten’ uit drie beschikbare collecties.

 

• Nog tot 12 mei is Carl De Keyzer in Gent te zien, daarna in het Rotterdamse Foto Instituut en de rest van de wereld, “fotografische momenten” loopt tot 27 mei in het Museum van Hedendaagse Kunst, Citadelpark, 9000 Gent (09/221/17.03).