Etienne Wynants

DE WITTE RAAF

Editie 63 september-oktober 1996

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Documentsdocumenta

Op haar weg naar Documenta X in Kassel lijkt Catherine David vastbesloten om stilzwijgend een bres van verschil te slaan met de vorige editie. Ter voorbereiding op the real thing zijn vier publikaties gepland waarmee enkele contouren worden geschetst binnen welke ze dit evenement situeert: “Iets tussen een experimentele ruimte en een kunstmarkt in”. Ondertussen verschenen reeds twee ”Documentsdocumenta”, sober vormgegeven schriften die elk een aantal bestaande artikels rond een ruim opgevat thema bundelen. Het zijn smaakmakers waarin geen kunstenaarslijst onthuld wordt, maar bijvoorbeeld enkel het tentoonstellingsparcours even fotografisch wordt uitgelicht (een as van het treinstation over de winkelwandelstraat naar het Fridericianum, Ottoneum, Documentahallen, Orangerie en een kerk). In het eerste deel verdienen verder een artikel van Jean-Christophe Bailly en een gesprek tussen David en Paul Virilio de aandacht. Virilio verwijt de beeldende kunsten een desinteresse voor de gevolgen van delocalisatie. Met “The free use of the proper (exchanges, treshold, translations)” parafraseert Bailly de Duitse dichter Hölderlin betreffende de schijnbaar onmogelijke intellectuele taak om in een geglobaliseerde wereld iets betekenisvol te ondernemen. In algemene termen hekelt Bailly de vereenvoudigende en verwarrende inkapselingen die aanhangers van nationalismen en mondialisering propageren. “Documentsdocumenta 2” lijkt de algemene uitgangspunten van het vorige nummer toe te spitsen op het filmlandschap, met een staande ovatie voor de in 1992 overleden Serge Daney, voormalig hoofdredacteur van het tijdschrift “Cahiers du cinéma”. Hoe met beelden wordt gepokerd komt naar boven in Daney’s heldere analyse van de boorling-campagne van Benetton. In relatie tot de films van Jean-Luc Godard (besproken door Frieda Grafe en Serge Daney) en Guy Debord (door Giorgio Agamben) worden de verwevenheid van documentaire en fictie en de betekenis van hun montages uitgelicht. In een vierpunten-hypothese betreffende de actualiteit van het beeld schaatsen Catherine David en Jean-François Chevrier vervolgens tussen en door de Schone Kunsten en de media. Ze vragen aandacht voor de context van massaal geproduceerde beelden en verwerpen een simplifiërende discussie over het beeld binnen de context van een tegenstelling tussen kunst en media. Informatie en documentaire worden voorgedragen als materiaal dat best in status geherwaardeerd mag worden, tot in het artistieke toe en tenslotte wordt - alweer - een herziening bepleit van de status van het publieke. Beelden en bondige teksten over Alexandr Sokurov, Jeff Wall, Ed van der Elsken, Helen Levitt, Jon Jost en Michelangelo Pistoletto vullen dit tweede deel aan. Beide publikaties houden alvast de belofte in van een Documenta X met ruimere perspectieven dan de consecratie van kunstindividuen. Teksten worden niet geschuwd of geridiculiseerd. Een volgend nummer met als thema ‘territorium’ wordt verwacht voor de jaarwisseling, bij de opening verschijnt een vierde reader, over ‘podiumkunsten’. “Documentsdocumenta” in Engels/Duitse vertaling is relatief goedkoop uitgegeven door Cantz Verlag, Senefelderstraße 9, 73760 Ostfildern-Ruit (0711/449.93-0)