Sven Lütticken

DE WITTE RAAF

Editie 66 maart-april 1997

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

The spiral village

De van de Fondazione Sandretto Re Rebaudengo per l’Arte te Turijn afkomstige tentoonstelling Campo 6/The spiral village is nu te zien in het Bonnefantenmuseum. Samensteller Francesco Bonami wil met het beeld van de spiraal aangeven dat de kunstenaar ervoor moet waken in de duizelingwekkende cyberspace te verdwalen of doelloos door de ‘global village’ te zwerven: idealiter begeeft hij zich vanuit zijn plek van oorsprong spiraalsgewijs in de wereld, maar kan hij zich altijd weer terugtrekken naar het centrum van zijn spiraal en naar “de oorspronkelijke dimensie van het bestaan”. Zoals meer recente tentoonstellingen met jonge kunst staat ook The spiral village voor een belangrijk deel in het teken van letterlijkheid en onafheid. Wat de letterlijkheid betreft: Rirkrit Tiranaija stelt een aftandse automobiel - een Opel Commodore - tentoon waarmee hij van Berlijn naar Turijn is gereden. Op kleine monitoren in de wagen zijn beelden van de reis te zien, en de complete keuken in de kofferbak geeft aan dat Tiravanija zijn oorsprong in de vorm van de Thaise cuisine bij al zijn omzwervingen binnen handbereik heeft. Ook Sam Taylor-Woods video-installatie van een paar dat ruzie heeft, blijft ondanks het gebruik van verschillende decors voor man en vrouw erg eendimensionaal. De cultus van het onaffe (en daarmee het verondersteld authentieke, niet-vervreemde) bereikt grote hoogten in het werk van Pascale Marthine Tayou uit Kameroen, die environments vol prullen, afval en wrakhout creëert, aangevuld met diepzinnige teksten als “Le Kapital c’est la merde” en “Don’t talking alway about art. (sic) Art is your soul!”. Enkele pogingen om tot werken te komen die niet in een dergelijke vrijblijvendheid blijven steken, ontaarden in effectbejag (de horror van Dinos en Jake Chapman) of wederom in eenduidigheid (Mark Dions Maastricht bureau of censorship). Een ander probleem is dat werken vaak ofwel een illustratie van het concept van de expositie zijn, ofwel daar juist nauwelijks verband mee houden. Tobias Rehberger lijkt met zijn bijna ondraaglijk esthetische installatie zelfs een loopje te nemen met Bonami’s ideeën. Rondom een witte tafel staan vazen met bloemen die ieder een portret van één van de deelnemende kunstenaars voorstellen. Plaats van herkomst? Spiraal? De wereld verkennen? “Oorspronkelijke dimensie van het bestaan”? In dit artificiële paradijs bestaat de buitenwereld helemaal niet; de kunstenaar blijft in zijn schulp, die hij van binnen echter prachtig decoreert. Tot 25 mei in het Bonnefantenmuseum, Avenue Ceramique 250, Maastricht (043/329.01.90). Vermeldenswaard zijn tevens de tentoongestelde aankopen van Hugo De Baere. Een reusachtige, hangende, uitgemolken borst uit mest gekneed, een uit olievaten geklonken achterwerk aan de muur en een aandoenlijk gemolesteerd olifantje bevolken er de koepelzaal tot 4 mei.