Erik Eelbode

DE WITTE RAAF

Editie 72 maart-april 1998

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Blumenfeld en Brodovitch

In het Maison Européenne de la Photographie in Parijs kan men momenteel terecht voor twee ‘grote-namen-tentoonstellingen’, met mode als bindmiddel. Le Culte de la Beauté is een ruim overzicht van Erwin Blumenfeld, supergesofisticeerd modefotograaf. Blumenfeld wordt in 1897 in Berlijn geboren, hij maakt er, erg jong nog, deel uit van de Berlijnse dadagroep. In 1918 volgt hij George Grosz naar Nederland en richt er samen met Paul Citroen de dada Centrale Amsterdam op, onder het pseudoniem Bloomfield schrijft hij er gedichten en maakt collages. Na het failliet van zijn leerwarenwinkel in Amsterdam vestigt hij zich als beroepsfotograaf in Parijs, waar Cecil Beaton hem bij Vogue binnenloodst. Ook de surrealisten voelen wel iets voor zijn fotografie à la manière de Man Ray. De oorlogsjaren voeren hem naar New York. Hij kan er voor het modeblad Harper’s Bazaar aan de slag en opent een eigen, hoogst lucratieve studio, waar bijvoorbeeld Élisabeth Arden, Élena Rubinstein, Marlene Dietrich of Juliette Gréco over de vloer zullen komen. Eind de jaren ’50 zou Blumenfeld de camera voorgoed in de kast stoppen. Als leidraad voor deze tentoonstelling ging William Ewing, directeur van het Musée de l’Élysée in Lausanne, uit van de vier steden die een rol speelden in Blumenfelds carrière: Berlijn, Amsterdam, Parijs, New York. Rome, waar hij in 1969 overleed speelt daar geen rol in.

Interessant wordt wellicht het feit dat we naast dit Blumenfeld-retrospectief ook een zicht kunnen krijgen op een aantal van de mechanismen en zeker op de mise-en-page van de modefotografie tussen 1934 en 1958. Dat is immers precies de periode waarin Brodovitch art director was van Harper’s Bazaar. De tentoonstelling Alexey Brodovitch. La photographie mise en page wil vooral duidelijk maken hoe ingrijpend de inzichten en experimenten van deze Amerikaan van Russische afkomst zijn geweest, ook nog voor onze hedendaagse blik doorheen een modeblad. Brodovitch was een van de eersten die op een dynamische manier rekening ging houden met de plaatsing van foto’s op een pagina van een commercieel tijdschrift, waarbij hij ook de typografie, de cadrering van de foto, de mogelijkheden van dubbele pagina’s en de ritmering van de opeenvolgende bladzijden in acht nam. Diezelfde principes pastte hij ook toe in de realisatie van talloze fotoboeken. Niet enkel van zijn eigen werk, Ballet uit 1945 bijvoorbeeld dat al merkwaardig vroeg een hele ‘vocabulaire’ levert om snelheid en beweging uit te drukken, maar ook in boekwerk voor André Kertész of Richard Avedon. Onder impuls van Brodovitch leverden overigens ook nog andere grootheden als Lillian Bassman, Louise Dahl-Wolfe, Cartier-Bresson, Bill Brandt, Lisette Model of George Hoyningen-Huene hun beste bijdragen voor Harper’s. “Alle fotografen zijn, bewust of onbewust, leerlingen van Brodovitch,” zei Irving Penn. Aan deze ‘bewuste’ leerling wijdt het Maison eveneens een tentoonstelling. In Platinum Test Material onderneemt Penn naar eigen zeggen een historisch zelfonderzoek op basis van proefprints en materiaaltesten, waarmee hij aan het knutselen is gegaan. Voorts is er nog werk te zien van Jorge Damonte en van Daniel Buetti.

 

• Tot 17 mei in het Maison Européenne de la Photographie, rue François Miron 82, 75004 Paris (01/44.78.75.01) www.pictime.fr/maison européenne/.