Petra Brouwer

DE WITTE RAAF

Editie 74 juli-augustus 1998

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Van Nieukerkens

Op een presentatietekening uit 1950 van het in 1911 tot hotel verbouwde 17de-eeuwse buiten De Voorst, bij Warnsveld, zijn wonderlijke combinaties te zien. Gasten komen aan in koetsen, Vermeer-achtige melkmeisjes maken een babbeltje met elkaar en kwispelende hondjes lopen tussen talloze auto’s heen en weer. Het architectenbureau Van Nieukerk, opgericht in 1887 door Jacobus van Nieukerk en tot 1960 voortgezet door zijn beide zonen was ingehaald door de tijd. Rond de eeuwwisseling gerespecteerd om zijn rijk geornamenteerde en ambachtelijke ontwerpen, werd het bureau steeds meer gemarginaliseerd. Opdrachtgevers konden zich deze bewerkelijke bouwwijze niet meer permitteren. Al in 1913 ontstond een conflict over het bekendste werk van de Van Nieukerkens, het Koloniaal Instituut in Amsterdam, het huidige Tropenmuseum. Toch laat de oeuvrecatalogus van het BONAS (Stichting Bibliografieën en Oeuvrelijsten van Nederlandse Architecten en Stedenbouwkundigen) nog tot in de jaren ’50 een goed gevulde opdrachtportefeuille zien, zij het de laatste jaren voornamelijk restauraties. Het is de vraag of de Van Nieukerkens dan ook als een uitzondering van hun tijd moeten worden gezien, zoals in de tentoonstelling en de oeuvrecatalogus gesteld wordt.

Marie van Nieukerk ontwierp in 1939 en de oorlogsjaren ideaalsteden, ‘Lichtende beelden in somber getij’, kruisingen tussen de middeleeuwse marktstad, Venetië en de 19de
eeuwse wereldtentoonstelling. Maar hij was niet de enige die de middeleeuwse kathedraal nog steeds als symbool zag van de ideale samenleving, waarbij kunst een nog vanzelfsprekend segment invulde. Nederlands voorman van de CIAM, C. van Eesteren, gebruikte in 1948 in zijn inaugurale rede in Delft dezelfde metafoor. En in de wederopbouwplannen voor Rotterdam is eenzelfde verlangen te zien naar een geordende samenleving, met kunst als een van de bindmiddelen. Van Nieukerks aanklacht tegen de wederopbouw (“goed georganiseerd goedkoop, zonder liefde tot de vele vakken welke de bouwkunst schraagden”) werden in een wat eigentijdsere bewoording door de Forum-generatie herhaald. De kolderiek aandoende historiserende vormentaal van Van Nieukerk is wellicht een extreme uitwerking van een gedachte die op veel bredere schaal en in verschillende nuances leefde, in plaats van een volstrekt geïsoleerd fenomeen.

 

• De wereld van de Van Nieukerkens tot 26 juli in de Balkonzaal van het Nederlands Architectuurinstituut, Museumpark 25, 3015 CB Rotterdam (010/440.12.00).