Petra Brouwer

DE WITTE RAAF

Editie 77 januari-februari 1999

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Blank-architecture, Apartheid and after

Blank__Architecture is meer dan alleen een tentoonstelling, blijkt uit de ondertitel: het biedt ook een kritisch onderzoek naar de Zuid-Afrikaanse architectuur en stedenbouw in een maatschappelijke context. Anderhalf jaar lang hebben een zestigtal Zuid-Afrikaanse architecten, fotografen, schrijvers en filmmakers in samenwerking met het NAi zich gebogen over de positie van de architectuur in hun land en de verstrengeling met politieke, religieuze, culturele, seksuele en economische macht. Dat autonome architectuur niet bestaat, zal niemand meer uit zijn slaap houden, maar het vergrootglas dat Zuid-Afrika over bovengenoemde verstrengeling heen legt, veroorzaakt dat vertrouwde en in onze ogen ongevaarlijke retoriek plotseling obsceen wordt. Zo liet het modernisme zich voorstaan op een internationale en universele architectuur, daarbij lokale tradities veronachtzamend. Op deze tentoonstelling worden ‘universeel’ en ‘traditie’ loodzware begrippen. Een ander voorbeeld: tussen 1960 en 1985 werden 3,5 miljoen mensen gedwongen te verhuizen naar thuislanden en afgescheiden gebieden in de steden, om het ‘vrijgekomen’ land voor de blanken te bestemmen. Midden jaren ’80 speelde het geval van Oukasie, een thuisland waar de bewoners opnieuw verplicht werden te verhuizen, nu naar het 24 kilometer noordelijker gelegen Lethlabile. De meerderheid protesteerde en hun met handtekeningen bekrachtigde petities zijn geëxposeerd. Ernaast ligt de wervende promotiefolder – ‘Lethlabile betek sonsopkoms’ – die zijn inwoners een ‘blink toekoms’ belooft. Het jargon verschilt in niets van de wervingsfolders voor de Europese new towns-koorts in de jaren ’60 en ’70.

Naast ‘internationale tendens’ en ‘gedwongen verhuizingen’ bestaat de tentoonstelling uit nog tien thema’s, zoals bijvoorbeeld ‘geweld’, ‘golfplaat/tijdelijk materiaal’ en ‘het beloofde land’. De tentoonstelling begint veelbelovend. De entree bestaat uit een donkere corridor, bedekt met gevlochten rubbermatten, waar de twaalf thema’s aan de hand van een citaat en voorwerp, in een hoge perspex koker, worden ingeleid. Eerst denk je dat het citaten betreffen uit Zuid-Afrika’s geschiedenis en eenmaal de hoek om lijk je een nieuw begin tegemoet te gaan over een lichte, lege hellingbaan. De eigenlijke tentoonstelling komt in zicht, maar alvorens het parcours te betreden komt de bezoeker nog langs de bovenkanten van de twaalf perspex vitrines. De geschiedenis waart middels haar periscopen over het heden en de toekomst; de twaalf thema’s kunnen daarom nog steeds als indelingskader van de tentoonstelling fungeren. Sterker nog, heden en toekomst zijn niet zonder geschiedenis te bestuderen: Apartheid and after.

Hoe kan zo’n verbluffend mooie entree ontaarden in chaos? Van de thema’s, op tientallen hangende schotten gepresenteerd, blijft weinig meer over omdat vaak onduidelijk is welk materiaal waar bijhoort en thema’s soms zo dicht tegen elkaar aanzitten (‘gedwongen verhuizingen’ en ‘geplande scheiding’) dat het tentoongestelde materiaal elkaar overlapt. Op papier lijken een routingloze tentoonstelling en sterk met elkaar verbonden onderwerpen heel spannend, bij wie erin rondloopt, ontstaat al snel een wezenloos gevoel, dan wel ergernis dat de tentoonstellingsmakers te weinig keuzes hebben durven te maken. Uit een brij van objecten en foto’s, soms onleesbare kaarten en plattegronden en onvolledige toelichtingen, moet de bezoeker nu op eigen houtje de vele prachtige dan wel indringende fragmenten ontdekken. Een samenvattend hoogtepunt van South African Seasons, dat van maart 1998 tot maart 1999 loopt bij verschillende Rotterdamse culturele instellingen, is de tentoonstelling niet geworden. Maar gelukkig is, zoals gezegd, blank__Architecture veel meer dan een tentoonstelling alleen.

 

• Tot 19 april in de grote zaal van het Nederlands Architectuurinstituut, Museumpark 25, 3015 CB Rotterdam (010/440.12.00). De gelijknamige catalogus onder redactie van Hilton Judin verschijnt bij NAi Uitgevers, 504 p.