Petra Brouwer

DE WITTE RAAF

Editie 78 maart-april 1999

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Theo Baart, Bouwlust

Het nieuwste boek van fotograaf Theo Baart wordt ingeleid door een citaat van J. B. Jackson: “Landscape is history made visible”. En daarmee is kort maar poëtisch dit omvangrijke project samengevat. De Haarlemmermeer viel in 1851 droog, om vervolgens aan zijn lot te worden overgelaten. Binnen de ringvaart werd een uiterst pragmatische kavelstructuur aangebracht, en een minimum aan wegen en voorzieningen. Het land van de nieuwe polder was bedoeld als speculatieobject en is dat nog steeds. Wellicht dat daarom de begrenzing van de ringvaart en de kavelstructuur van 200 bij 1.000 meter tot op de dag van vandaag zijn terug te vinden en worden aangehouden voor nieuwe plannen, aldus Noël van Dooren in zijn bijdrage Zwart maken, ook al heeft hun maat niets meer vandoen met de maat en schaal van de stedelijke uitbreidingen en die van Schiphol.

De geschiedenis van de inpoldering, de terloopse stichting van een militair vliegveld in 1917, dat zou uitgroeien tot de burgerluchthaven Schiphol, en de ligging midden in de Randstad, hebben van de Haarlemmermeer een uniek gebied gemaakt met een turbulent verleden, waarvan het landschap de sporen draagt. Van Dooren onderscheidt drie werkelijkheidslagen in dat landschap. De eerste laag is direct zichtbaar, in Schiphol, de akkerbouw, de wegen, de bebouwing. De tweede laag is die van de blufpoker van de grondmakelaars, de projectontwikkelaars en de plannenmakers. Niet lang geleden is de derde laag toegevoegd, door het debat van de huidige stedenbouwers en landschapsarchitecten. Zij ontwaren in de Haarlemmermeer een prototype voor de toekomstige Nederlandse stad. Een stad die verdampt is in een suburbane zee, met grote infrastructuren als enige accent.

In de door Baart gefotografeerde (zichtbare) werkelijkheid zien we die andere twee lagen weerspiegeld. Baart kwam tijdens zijn derde levensjaar in Hoofddorp te wonen, toen nog een eenvoudige agrarische gemeenschap waar de boeren het voor het zeggen hadden en die uitkeek op de horizon. De wegen droegen namen als Hoofdweg, Nieuwe Weg en Kruisweg, de namen van de boerderijen appelleerden aan de verbeelding: Bouwlust, Graan voor Visch, Klein Amerika, Het Omgekeerde Land. Vanaf 1977 begon Baart deze wereld te fotograferen. Op de valreep, want vanaf de jaren ’70 veranderde de Haarlemmermeer in hoog tempo. In de Randstad was een groot gebrek aan woningbouwlocaties, en de luchthaven breidde spectaculair uit. De akkergrond werd goud waard. De ringvaart van de Haarlemmermeer leek wel de contour van een vergrootglas te worden: kantoorparken, snelwegen, billboards en nieuwbouwwijken, die langzaam maar zeker het aanzicht van Nederland veranderden, tuimelden op dit relatief kleine oppervlak over elkaar heen. En worden herkend als prototypisch voor een nieuwe landschappelijke, stedenbouwkundige, economische en sociale werkelijkheid, blijkens de enorme aandacht voor Baarts werk in dag- en weekbladen.

Een instinct voor de toekomst, zo vat Warna Oosterbaan de Haarlemmermeer samen. Hoofddorp is een plaats waar de modernisering zijn gang gaat en waar geschiedenis niets betekent. Er meewarig over doen zou een miskenning van het dorp zijn, zegt Oosterbaan. “Hoofddorp laat zien dat het moderne altijd wint, omdat het vitaler is, en meer oplevert dan het oude. (…) Hoofddorpers hebben het oude dorp met de grond gelijkgemaakt om weer opnieuw pioniers te kunnen zijn.” De namen van de boerderijen, al zijn de bouwwerken er niet meer, lenen zich dan ook moeiteloos voor de huidige conditie van de Haarlemmermeer. Bouwlust, dat is de geschiedenis, het heden en de toekomst. Alleen Graan voor Visch is verleden tijd.

 

• Theo Baart, Bouwlust. The Urbanization of a Polder, met bijdragen van Tracy Metz, Warna Oosterbaan, Noël van Dooren en Willem van Toorn. In 1999 uitgegeven door NAi Uitgevers, en Ideas on Paper, Postbus 237, 3000 AE Rotterdam (010/440.12.03). Tot 18 april loopt de gelijknamige tentoonstelling in het Nederlands Architectuurinstituut, Museumpark 25, 3015 CB Rotterdam (010/440.12.00).