Sven Lütticken

DE WITTE RAAF

Editie 107 januari-februari 2004

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Matthijs de Bruijne

In de nieuwe reeks journal presenteert het Van Abbemuseum kleine tentoonstellingen en projecten van jonge kunstenaars. Momenteel wordt in dit kader in vier kabinetten onder meer het project liquidacion.org van Matthijs de Bruijne voorgesteld. De Bruijne woont en werkt sinds een aantal jaren vooral in Argentinië, dat in 2001 economisch volledig instortte. Het eerdere internetwerk A Similar Place (http://artengine.ca/asimilarplace) reflecteerde dit al. De Bruijnes plan was oorspronkelijk om bij foto’s van plekken in Nederland Argentijnse equivalenten te vinden, maar de totale ontwrichting van Argentinië, met plunderingen, protesten en een explosie van werklozen, leidde tot een andere opzet, waarbij de foto van een plek in Nederland (een café, een bioscoop, een restaurant, een trein) wordt gevolgd door beeldloze ‘ondertitels’ op een zwarte ondergrond die, ondersteund door geluiden, een ongewoon-alledaagse situatie in crisistijd oproepen. Het resultaat is een suggestief filmisch werk waarin scepsis doorschemert over het vermogen van een individuele foto om complexe sociale situaties in beeld te brengen. Helaas wordt de Engelse versie – zoals meestal wanneer De Bruijne Engelse teksten gebruikt – ontsierd door zeer krukkig taalgebruik.

Ook het nieuwe werk is primair een website, www.liquidacion.org. Uitgangspunt zijn de cartoneros, armen die op straat karton en papier verzamelen. Soms vinden ze bij het vuil ook voorwerpen die De Bruijne op de site te koop aanbiedt; naast een foto van het object staat een kort verhaal over de herkomst. De opbrengst gaat naar de vinders. In een van de zalen worden de foto’s op de wand geprojecteerd, afgewisseld met Engelse ‘tussentitels’ die duidelijk maken wat de cartoneros in het Spaans – op de soundtrack waarmee deze diashow wordt begeleid – over de objecten vertellen. Deze presentatie, die elementen van de website in een museale vorm recycleert, treedt duidelijk in de voetsporen van de conceptuele kunst, maar geeft er een meer sociaal-kritische en activistische draai aan. Terwijl Kosuth op technocratische wijze een woordenboekdefinitie van bijvoorbeeld een stoel combineerde met een ‘neutrale’ zwart-witfoto van een stoel en het object zelf (One and Three Chairs, 1965), combineert De Bruijne foto’s van gebutste en afgedankte voorwerpen met teksten die allesbehalve de neutraliteit van een woordenboekdefinitie ambiëren, maar een verhaal vertellen dat aan die specifieke voorwerpen vastzit. De kleine tentoonstelling omvat ook twee Jeff Wall-achtige lichtbakken met reclame voor de site, waarop de ‘producten’ worden aangeprezen; in het ene geval zijn dat de genoemde objecten, in het ander geval de dromen van de cartoneros, die men op CD kan bestellen. Enigszins pathetisch maar consequent wordt zo de platitude dat deze mensen ‘alleen nog hun dromen hebben’ in klinkende munt omgezet.

De Bruijne gebruikt de kunstwereld als uitvalsbasis, en liquidacion.org wordt dan ook als kunstproject in het Van Abbemuseum gepresenteerd, maar hij weet vanuit de artistieke openbaarheid te interveniëren in politieke discussies. Met de website heeft hij vooral in Argentinië zelf de nodige publiciteit gegenereerd; met zijn kleine alternatieve economie heeft De Bruijne duidelijk een snaar geraakt, waardoor liquidacion.org niet alleen op bescheiden schaal concrete hulp aan cartoneros biedt, maar ook een bijdrage levert aan het instandhouden van een kritische openbaarheid, die steeds meer onder druk komt te staan. In tegenstelling tot sommige andere politiek geëngageerde kunstenaars valt De Bruijne niet ten prooi aan ongereflecteerd puritanisme; hij weert esthetische componenten niet uit zijn werk, maar voorziet het esthetische wel van voetnoten die er de verraderlijke trekken van tonen. In een van de zaaltjes is een diareeks te zien van wanden met restanten van afgescheurde affiches. Deze beelden kunnen worden gezien als fraaie exercities in modernistische esthetiek à la Walker Evans, maar in de context van deze presentatie wordt hun sociale achtergrond inzichtelijk. De beelden verliezen daardoor overigens niet aan kracht, en het resultaat is complexer en overtuigender dan wanneer het om ‘gewoon mooie’ kunst zou gaan – kunst die aan het ideaal beantwoordt van diegenen die weer steeds luider roepen om ‘echte’ kunst, om pure ontroering en ongetroebleerd esthetisch genot.

Matthijs de Bruijne – liquidacion.org, tot 14 maart in het Van Abbemuseum, Bilderdijklaan 10, 5611 NH Eindhoven (040/238.10.00; www.vanabbemuseum.nl).