Dirk Lauwaert

DE WITTE RAAF

Editie 111 september-oktober 2004

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

JAKOB KOLDING

De tentoonstelling Space Invaders van Jakob Kolding is de achtste ‘aflevering’ van het twaalfdelige tentoonstellingsprogramma Feuilleton dat gedurende 2004 loopt in het centrum voor actuele kunst Marres (Maastricht). Elke maand opent er een nieuwe editie van Feuilleton, terwijl de vorige tentoonstelling nog een maand doorloopt. De afgelopen zeven edities werden gerealiseerd door Gardar Eide Einarsson, Michiel Kluiters, Olivier Foulon, Hinrich Sachs, Julika Rudelius, Suchan Kinoshita en Renzo Martens. Voor deel negen is Jasmila Zbanic aangekondigd. De tentoonstellingen worden begeleid door een “verticaal programma” met lezingen, samengesteld door Jorinde Seijdel en Brigitte van der Sande.

Marres is niet alleen een tentoonstellingsruimte maar tevens een werkplaats voor kunstenaars. De tentoonstellingen hebben dan ook een ‘onderzoekend’ karakter; ze passen in een tentoonstellingsbeleid dat getuigt van een “onderzoekende mentaliteit”. In het geval van Kolding heeft dat onderzoek betrekking op de publieke ruimte, op “de spanning tussen beoogd en feitelijk gebruik van de openbare ruimte” en op “de relatie tussen sociaal gedrag en architecturale ruimte”. De titel Space Invaders verwijst dus niet naar het bekende computerspel uit 1978, maar naar dingen en mensen die zowel de publieke als de private ruimte binnendringen. Via verschillende media – posters, tekeningen, animaties, dia’s – presenteert Kolding collages van tekst en beeld. Hoewel hij telkens andere beelden en zinnen gebruikt, gaat elk werk over de manier waarop stadsplanning het gedrag van de gebruiker aan banden legt, en de manier waarop die gebruiker daaraan tracht te ontsnappen.

In de loop der jaren heeft Kolding posters gemaakt voor verschillende steden, zoals San Sebastian, Los Angeles, Glasgow en Genève. Deze posters werden in de stad opgehangen en aan het publiek uitgedeeld. In heel directe bewoordingen en vaak in de lokale taal stelden ze vragen die betrekking hadden op de spanningsverhouding tussen ‘publiek’ en ‘privaat’. Op de poster die Kolding voor Marres (en dus voor Maastricht) maakte, lezen we vragen als: “Wie nam het initiatief voor de bouw van uw buurt?”, “Zijn er pogingen ondernomen door middel van planning bepaalde gedragspatronen te ontmoedigen of te stimuleren? (welke/hoe?)”. De poster toont verschillende gebouwen, reclames, graffiti en natuurlijk de gebruikers van de stad. Bij de gebouwen vallen de grote appartementsblokken uit de jaren vijftig op, een tijd waarin meer dan ooit gepoogd werd het publieke en private leven vorm te geven door – onder andere – stadsplanning en architectuur. De uitgeknipte figuren in Koldings collage vallen uiteen in een ‘reguliere’ groep (zakenmannen, winkelende vrouwen, werkmannen) en een ‘subversieve’ groep gebruikers: skateboarders, graffiti-kunstenaars, hiphoppers, straatdansers... Deze laatste groep tracht te ontsnappen aan de dwang die uitgaat van architecturale en stedenbouwkundige patronen. Vooral de skateboarders zijn bij Kolding populair; zij zijn blijkbaar de slachtoffers par excellence van een moderne stadsplanning die elke vorm van vrij en speels handelen naar speciale reservaten verbant: de speelplaats, het clubhuis, de jeugdhonk. Skateboarders en graffitikunstenaars verzetten zich daartegen. Zij willen de hele stad als arena, als speelruimte gebruiken.

De vragen die we op de poster van Kolding lezen, worden meteen beantwoord door de beelden. Natuurlijk wordt er gepoogd om gedrag via stadsplanning te sturen! Winkelen wil de stad duidelijk aanmoedigen – zo werd in de poster van Space Invaders een reclamebillboard verwerkt waarop “lekker shoppen” staat – en ook de vestiging van kantoren, horeca en luxeappartementen moet worden gestimuleerd. Skateboarden en ander oneigenlijk gebruik van de openbare ruimte wordt daarentegen ontmoedigd; de bewakingscamera’s die Kolding in zijn poster heeft verstopt, zijn duidelijk bedoeld om skateboarders en graffitispuiters op te sporen.

Koldings boodschap klinkt bekend; elke stad legt nu eenmaal gedragspatronen op, al of niet bewust. De vraag is alleen hoeveel ruimte een stad wil openlaten voor improvisatie. De meeste steden en dorpen trachten de ‘overlast’ van skateboarders en graffiti te beperken door skateparken en graffitimuren te voorzien. In Maastricht werd een terrein onder de Kennedybrug voor skateboarders ingericht; het gaat om een donkere restplek waar de skateboarders onttrokken zijn aan het oog van de winkelende bevolking en (dagjes)toeristen. Koldings vragen zijn hier zeker van toepassing, en het is daarom jammer dat zijn collageposters niet in de stad te zien zijn. Het werk van Kolding gaat over Space Invaders, maar blijkbaar is het erg moeilijk om de ruimte waartoe zijn werk zich verhoudt ook daadwerkelijk binnen te dringen.

 

• Space Invaders loopt tot 26 september 2004 in Marres, Capucijnenstraat 98, 6200 AG Maastricht (043/327.02.07; info@marres.org; www.marres.org). Op 9 september geeft Jorinde Seijdel een lezing onder de titel Cold Archive. Sinds 1 september is tevens Red Rubber Boots van Jasmila Zbanic te zien.