Leen Bedaux

DE WITTE RAAF

Editie 136 november-december 2008

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Heartland

Wie vandaag de dag aan de Verenigde Staten denkt, ziet onmiddellijk de ellende op de financiële markten voor zich. Juist op dit moment komt het Van Abbemuseum, onder de beeldende titel Heartland, op de proppen met een ‘interdisciplinair project’ over het zogenaamde hart van de Verenigde Staten – het geografische gebied langs de oevers van de Mississipi. De groepstentoonstelling van bekende en minder bekende kunstenaars (waaronder Kerry James Marshall, Peter Friedl en Jeremiah Day) is het resultaat van jarenlang veldonderzoek door eigen museumconservatoren. Het project omvat naast deze expositie ook lezingen, debatten, concerten en films op diverse locaties in Eindhoven.

Heartland is een weinig gangbare benaming voor het gebied tussen New Orleans, Minneapolis en Detroit. Volgens deelnemend kunstenaar Scott Hocking is de term vooral een marketinginstrument dat de identiteit van Marlboromannen met pick-ups moet uitdragen. Het is de thuishaven van Joe the Plumber, de protagonist van McCain en Obama die staat voor de brave Amerikaanse middenstander. In het bijbehorende magazine wordt gesuggereerd dat de grootste clichés van het Amerikaans kapitalisme hier hun oorsprong vinden. Is dit gebied, dat zich kenmerkt als het stereotiepe Amerika van spijkerbroeken en motorways, de brandhaard van de hypotheekcrisis die ons de kwetsbaarheid van het kapitalisme laat zien?

Door de programmamakers wordt beoogd een “andere blik te bieden op het centrum van de Verenigde Staten” en “een beeld te geven van de huidige cultuur, de bewoners en het landschap, via het unieke, creatieve werk van kunstenaars en musici”. De oude zalen van het Van Abbemuseum maken deel uit van een geografische route en dragen titels als ‘Mississippi River’, ‘New Orleans’, ‘Memphis’ en ‘Detroit’. We bezoeken de steden en het platteland van het Amerika tussen de West- en de Oostkust. “Zo krijgt u”, volgens Charles Esche, Kerstin Niemann en Stephanie Smith, “een reeks intense en verhelderende ervaringen van het Heartland die, hoe persoonlijk ze ieder afzonderlijk ook zijn, een breed en rijk totaalbeeld geven van een fascinerend gebied.”

In de zaal ‘Mississippi River’, om maar een voorbeeld te geven, wordt een selectie getoond uit het fotoboekSleeping by the Mississippi (2004). Met technische perfectie portretteerde Magnumfotograaf Alec Soth het kluizenaarsbestaan van bewoners langs de Mississippi. Naast zijn foto’s hangt Map (1969-2005) van Peter Friedl, een schilderij gebaseerd op een eigen kindertekening, die een schetsmatige plattegrond toont van de Verenigde Staten waarop verplaatsingen van indianenstammen staan gemarkeerd. Van Wilhelm Sasnal wordt de film The River (2005) afgespeeld, een compilatie van repeterende bandjes die teksten uit het gelijknamige boek van Pare Lorentz uit 1938 op muziek zetten. De bindende factor tussen Soths voyeuristische blik, Friedls herinnering aan zijn kindertijd en Sasnals actualisering van de historie is de streek rond deze rivier. Door de etnografische indeling wordt de indruk gewekt dat in dit afgelegen deel van de Verenigde Staten nog iets ongerepts te vinden valt; alsof deze contreien ongedeerd zouden zijn gebleven bij de tegenslagen van de wereldeconomie.

De programmamakers hebben ervoor gekozen Heartland samen te laten vallen met de Amerikaanse presidentsverkiezingen, maar die verkiezingen zijn enigszins in de schaduw geraakt van de wereldwijde financiële crisis. In een tweetal werken kun je sporen van die crisis terugvinden. Carol Jackson illustreert in haar met leer bewerkte patchwork reclamecampagnes van vastgoedbedrijven. Michael Rakowitz symboliseert, met zijn opblaasbare ballon in de vorm van een flatgebouw, de opgang en neergang van de utopie van de sociale woningbouw. Frappant is dat juist deze werken door hun lichtvoetige referenties aan de huizencrisis achterhaald lijken.

De werken in de tentoonstelling hebben een eerder bescheiden inzet. Geen sprake van grote visionaire projecten of van dramatische voorspellingen van de wereldbrand. Marjetica Potrc – ze verbleef een aantal jaren in New Orleans en heeft de wederopbouw na de vernietigende orkaan Katrina meegemaakt – richt zich op primaire overlevingstechnieken. Ze realiseert een model voor een autonoom bestaan: een folkloristisch beschilderd houten woonhuis, voorzien van zonnepanelen en een watertank. Ook Jeremiah Day wordt gedreven door maatschappelijk engagement. Hij houdt zich bezig met de erfenis van de Lowndes County Freedom Organisation. In 2009 zal hij een eerste gedenkteken in Alabama oprichten voor deze organisatie, die in de jaren 60 opkwam voor gelijke rechten van de zwarte bevolking. Met zijn memorabele installatie koestert hij de romantiek van rebellerende actievoerders van weleer.

Het regionalistisch perspectief suggereert een kritische houding tegenover de mondialisering, maar uiteindelijk komt die ambitie in deze al bij al brave, klassieke groepstentoonstelling niet helemaal uit de verf. Overigens schijnt er ook een ‘Nederlands’ Heartland te bestaan: Noord-Brabant. Volgens directeuren Wim Vringer van het Muziekcentrum en Charles Esche van het Van Abbemuseum herbergt deze zuidelijke regio van Nederland een van de topeconomieën van Europa: “Door de ontwikkeling van onder andere Brainport en High Tech Campus én door de aanwezigheid van culturele instituten met een internationaal, divers en attractief cultureel aanbod zorgen wij gezamenlijk voor een florerend vestigingsklimaat.”

 

• Heartland tot 25 januari in het Van Abbemuseum, Bilderdijklaan 10, 5611 NH, Eindhoven (040/238.10.00;www.vanabbemuseum.nl en www.heartlandeindhoven.nl).