Indira Van 't Klooster

DE WITTE RAAF

Editie 141 september-oktober 2009

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Le Grand Pari(s)

Een pari is een weddenschap of een gok. De titel ‘Groot(s) Parijs’ refereert daarmee tegelijkertijd aan onzekerheid. Wie doet de grote gok? De president zelf? Dat zou kunnen. Halverwege zijn eerste termijn voegt ook Sarkozy zich in de traditie van de Franse presidenten om zich middels architectuur te profileren. Sinds president Pompidou het gelijknamige Centre Pompidou, wereldwijd toonaangevend museum inzake architectuur en kunst, liet realiseren, is architectuur het instrument bij uitstek om culturele ambities, daadkracht en leiderschap te tonen.

Mitterand, met zijn Grands Travaux, waaronder La Défense en La Très Grande Bibliothèque, had dat goed begrepen. Chirac kwam niet verder dan Musée Quai de Branly, wat wel het slechtste werk uit de carrière van Jean Nouvel moet zijn. De halfzachte duurzaamheidsgedachte in de architectuur, het nauwelijks onderdrukte verlangen naar de koloniale tijd dat spreekt uit de thematiek van het museum, en de ronduit lelijke materialisering van het geheel, representeren ongewild de moeizame regeringstermijn van een president die geplaagd werd door een overzeese oorlog en door binnenlandse rellen.

Wellicht waagt Sarkozy zich daarom liever niet aan de hachelijke onderneming van één enkel gebouw, wellicht ook omdat zich de laatste vijftien jaar geen nieuwe Franse toparchitecten hebben aangediend. Hoe het ook zij, eerder dan zich met een eigen gebouw in de traditie van de Franse presidenten te voegen, lijkt Sarkozy zich met een totaal stedelijk project te willen meten met de Franse koningen en keizers. Dát zou de gok kunnen zijn. Sarkozy als de opvolger van Napoleon III, die als opdrachtgever van Hausmann het 19de-eeuwse Parijs transformeerde.

En dat ís ook spannend! Wie bedenkt het plan waarmee de stad weer 150 jaar verder kan? Met de problemen van Parijs en zijn voorsteden met betrekking tot openbaar vervoer, huisvesting, sociale en ruimtelijke samenhang, en tot het gebrek aan groen en openbare ruimte, lijkt het uitwerken van een totaalplan een verstandige gedachte. Maar de inzet kan nog hoger. Met de Europese Unie ondertekende Frankrijk het Verdrag van Kyoto, bedoeld om het broeikaseffect tegen te gaan. Wat betekent dat voor de toekomstige stad? Zo kregen tien architectenbureaus (waaronder zes Franse) de vraag een visie te presenteren op de Parijse metropool ‘na Kyoto’. De toekomstige, duurzame stad.

De meningen van de bureaus zijn opmerkelijk eenduidig: verdichten en verduurzamen. De uitwerking van die gedeelde overtuigingen leidt tot sterk uiteenlopende voorstellen. De nadruk kan liggen op een ‘masterplanachtige’ mix van infrastructuur, sociale interventies, grootschalige ingrepen en (groene) microprojecten (Rogers Stirk Harbor + Partners, Groupe Descartes, Studio 09). Andere bureaus benaderen de vraag vooral architectonisch (Christian de Portzamparc, Jean Nouvel) en leveren daarmee een bijdrage die nog het meest lijkt op een megalomaan afstudeerproject vol groen begroeide hoogbouw. Weer anderen bezien de opgave kwantitatief-inhoudelijk (thematisch vierkante meters wegzetten), zoals MVRDV. Al die grootschalige gedachten worden afzonderlijk gepresenteerd in wit ommuurde ruimten met de nieuwste multimediatechnieken. Toch inspireren de plannen niet.

Wat wél heel mooi is aan de toekomstplannen is hun plek binnen de vaste tentoonstelling in het Palais de Chaillot (het eerste architectonische wapenfeit van Sarkozy) en het contrast dat ze daarmee vormen. Deze tentoonstelling bestaat uit afgietsels van hoogtepunten uit de Franse architectuurgeschiedenis: fragmenten van de Notre Dame in Parijs, de kathedraal in Reims, de wenteltrap in Blois, de kerk in Ronchamps. Kortom, een bloemlezing van vernieuwingen en originele gedachten in de Franse architectuur. De toekomst presenteren binnen de context van de geschiedenis is een goed idee, maar het heeft uiteindelijk een averechts effect. Wie die liefdevol gemaakte reproducties bekijkt, realiseert zich dat de met veel bombarie gepresenteerde toekomstplannen ontzettend ouderwets zijn. Niet visionair, maar ambachtelijk. Eigenlijk zelf al geschiedenis. Een compilatie van alles wat we kennen, vanuit de overtuiging dat dat nog wel honderd jaar mee kan. Wolkenkrabbers, zonnecellen, verdichten, stapelen, bomen, pleinen, treinen, oeverrecreatie. Niks nieuws, alleen een beetje meer, groter, hoger. Zelfs het meest verrassende plan (van Agence Grumbach) om een tgv-lijn naar Le Havre aan te leggen, is eigenlijk hopeloos gedateerd. Een haven per trein, zó 19de-eeuws! Dat plan is overigens van harte omarmd door Sarkozy. En ook het plan van MVRDV voor een groot bos bij het vliegveld Charles de Gaulle (de opvolger van het Bois de Bologne van Hausmann) maakt grote kans op verwezenlijking.

Nee, een nieuwe Hausmann zal Le Grand Pari(s) niet opleveren. De arrogantie van de architect die de wereld wel even zal redden, is nog te billijken. Maar het totale gebrek aan nieuwsgierigheid naar hoe de toekomst van Parijs er uit zou kunnen zien, hoe mensen zullen leven, welke nieuwe vormen, materialen, fysieke relaties enzovoort zouden kúnnen ontstaan – dát is het meest opvallende gebrek aan dit tiental toekomstplannen. Alleen de kleinschalige ontwerpen die duurzame ruimtelijke en sociale relaties mogelijk maken vormen hierop een uitzondering, zoals vormen van stedelijke agricultuur (volkstuinen eigenlijk) van Groupe Descartes die in en om Parijs mogelijkheden scheppen voor streekproducten en zelfvoorzienende landbouw.

Geen nieuwe Hausmann, en dus hoogstwaarschijnlijk ook geen nieuwe Napoleon. Vermoedelijk wordt uit al deze plannen één nieuw plan gesmeed, deels gebaseerd op al langer bestaande plannen. Zeker is dat Sarkozy 35 miljard euro zal investeren in openbaar vervoer. Ook heeft hij beloofd 70.000 woningen per jaar te zullen gaan bouwen. Het dubbele van wat nu wordt gebouwd. Waar ze terechtkomen, zal de bezoeker niet vernemen op deze tentoonstelling. Suggesties hoe deze woningen ‘postkyoto’ duurzaam gebouwd kunnen worden, vindt Sarkozy bij toeval bij de andere tentoonstelling in hetzelfde gebouw. Die tentoonstelling gaat over duurzame architectuur en is zeer de moeite waard.

 

Le Grand Pari(s) en Habitez ecologique – quelles architectures pour une ville durable? tot 22 november in Palais de Chaillot, Place Trocadero 1, Parijs (01/58.51.52.00; www.citechaillot.fr).