Laurence Scherz

DE WITTE RAAF

Editie 163 mei-juni 2013

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Vaast Colson bij Maes & Matthys Gallery

De Maes & Matthys Gallery verliet na tien jaar het Antwerpse Zuid, naar eigen zeggen om zich tijdelijk te distantiëren van het uitgeholde en almaar meer beursgerichte galeriewezen. In Bornem (her)opende ze met huiskunstenaar Vaast Colson, en die keuze had niet beter kunnen zijn. Colson is immers een kunstenaar die tegen de economisering van de kunstsector ingaat. Dat werd meteen bij binnenkomst geïllustreerd door het werk Display (2013), een residu van een performance waarin Colson met het openen van 100 champagneflessen de crisis vierde. Hij verzamelde de 60 overgebleven kurken en hing ze, wel nog apart te koop, aan een 'schilderij' – eigenlijk een soort pancarte waarop de kunstenaar staat afgebeeld terwijl hij een grote stapel champagnedozen versjouwt, waarachter zijn gelaat verscholen zit. Het werk kan beschouwd worden als een soort verkoopstand voor een exclusieve editie op 60 exemplaren, in dit geval dan champagnekurken. Aan elke kurk hangen ook enkele in zilverpapier verpakte muntjes, die de waarde van elk exemplaar van de editie aangeven. Bij nader inzien blijkt dat de eerste exemplaren van de editie van minder muntjes voorzien zijn dan de laatste, wat suggereert dat ze (symbolisch) minder waard zijn – terwijl bij exclusieve edities doorgaans het omgekeerde geldt en net de eerste exemplaren het meest gegeerd worden. Op die manier neemt Colson de verkoopbaarheid van het kunstwerk alsook noties van waarde en exclusiviteit op de hak.

Display is niet het enige werk in de tentoonstelling dat uit performances voortkomt en uit restanten ervan is opgebouwd. De champagneflessen van de eerder genoemde actie werden verwerkt in Celebration Arch (2011). Dingbat (2013) is een residu van een performance die Colson hield tijdens zijn eerste tentoonstelling in Maes & Matthys Gallery in 2001. De kunstenaar bouwde een immense, houten installatie waarin hij als een echte vleermuis ondersteboven kon hangen, om in die houding het dier te schilderen dat hij nabootste. Daarbij werd de kunstenaar onder vuur genomen door een confetticanon, dat op het moment van het ‘schot’ zijn vage (negatieve) silhouet op de met lijm bestreken muur tekende. Het werk in de galerie bestaat uit een houten plaat met een ovale uitsnede waarachter een foto van de met confetti bestrooide ruimte zichtbaar wordt, met het schilderij van de vleermuis op de grond. Het uitgesneden stuk van de plaat leunt daarnaast tegen de muur. Twee handvaten laten toe om het te gebruiken als een ‘deksel’, om de voorstelling (het beeld dat van de performance overblijft) af te dekken. Oorspronkelijk diende het deksel om de opening in een houten wand af te sluiten die toegang gaf tot de performanceruimte.

De tentoonstelling bevat niet alleen werken die op performances teruggaan. Sommige werken bieden op hun beurt plaats aan een gebeurtenis, waar meestal de toeschouwer een rol in speelt. De participatie van de toeschouwer is namelijk een andere strategie waarmee Colson de status van het kunstwerk als verhandelbaar object countert. Wishing Well (2011) – een emmer met water en ‘geluksmuntjes’ – is een eenvoudig werk dat door iedereen thuis gereconstrueerd kan worden door muntjes in een emmer te gooien. Bij het werk hoort een gehandtekende gebruiksaanwijzing, dat dankzij de handtekening meteen ook als certificaat fungeert, en dat door Colson gratis wordt weggegeven. Op die manier stelt Colson meteen ook de mythische figuur van de kunstenaar in vraag.

In een aantal werken verbindt Colson de relativering van het kunstenaarschap en de gedachte van participatie met een kunsteducatieve setting. Een emblematisch werk is hier Triomfkaarttafel-booth (2013). Dit hokje, met daarin een kaarttafel en vier stoelen, is volledig bekleed met tekeningen van Colson. Op de kaarttafel ligt een door de kunstenaar getekende versie van het reguliere kaartspel, ingekleurd door kinderen – wie wil kan er zwarte piet mee spelen. De installatie nodigt uit tot samenzijn in een leerrijke, haast naïef kinderlijke omgeving. De Triomfkaarten, Cardgame edition (2013) zijn te koop voor een schappelijke prijs, waarmee Colson zijn democratiserende en kunsteducatieve bedoelingen nogmaals in de verf zet.

 

• Vaast Colson, New Sculptural Works & Edition by Vaast Colson Foundation, 24 maart – 28 april 2013, Maes & Matthys Gallery, Sint-Amandsesteenweg 181, 
2880 Bornem (0478/485.031; www.maesmatthys.be).