Esther Severi

DE WITTE RAAF

Editie 168 maart-april 2014

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Franz Erhard Walther. Het lichaam beslist.

De overzichtstentoonstelling van Franz Erhard Walther in WIELS, met de ondertitel Het lichaam beslist, heeft twee gezichten die het tegenstrijdige karakter van het oeuvre van de Duitse kunstenaar goed illustreren. Enerzijds wordt het werk van de kunstenaar er letterlijk en statisch ‘tentoongesteld’. De tape op de grond, die telkens een niet te betreden zone rond het werk afbakent, en het opschrift ‘Niet aanraken’ markeren de grens tussen kunstwerken en publiek. Anderzijds brengt de tentoonstelling het werk in beweging via een aanvullend programma met werkdemonstraties en evenementen. Zo werd een deel van het werk van Walther tijdens Museum Night Fever op 22 februari 2014 door studenten van P.A.R.T.S. tot uitvoering gebracht, en geeft de kunstenaar zelf gedurende de expo werkdemonstraties en workshops.

Franz Erhard Walther begon in de jaren 60 textiel te gebruiken in zijn kunst, en is daar sindsdien consequent mee blijven werken. Net als vele tijdgenoten herdefinieerde hij de basismaterialen voor de beeldende kunst. Het stoffen object dat hij creëerde was echter niet zijn artistieke einddoel: het vormde een instrument voor de toeschouwer, en zette aan tot een specifieke handeling. Het proces van deze handeling, en vooral de ervaring ervan voor wie participeert en toekijkt, zou dan het uiteindelijke kunstwerk zijn.

Wie de eerste ruimte van de tentoonstelling op de tweede etage van WIELS betreedt, krijgt echter een heel ander soort ervaring. Verspreid over de gehele middenruimte liggen kleurige en keurig opgeplooide objecten, gemaakt uit zware stof afkomstig van tentzeilen. Wat meteen opvalt is de nauwgezette, esthetische compositie van het geheel. De visuele ervaring is hier belangrijker dan het proces dat de objecten in gang zouden kunnen zetten. De minutieus uitgetekende tentoonstellingsplannen van Walther, die in de annex op de vierde verdieping te zien zijn, onderstrepen dat. Sommige objecten hebben een onbenoembare vorm, andere lijken ontworpen als kleding- of meubelstuk. Ze liggen echter stuk voor stuk klaar om gebruikt te worden: alleen hun materiaal maakt al duidelijk dat ze ontvouwd en ontplooid kunnen worden, dat ze zich hier, in deze compositie, weliswaar laten zien, maar niet helemaal laten kennen. Aan de vier muren van de ruimte hangen gelijkaardige objecten; doordat ze hangen, alluderen ze net iets meer op hun bruikbaarheid en de mogelijkheid om een lichaam te omvatten. Het werk dat hier verzameld wordt, beslaat verschillende periodes uit het oeuvre van Walther, en is niet chronologisch opgesteld. Zo wordt de coherentie benadrukt in de wijze waarop de kunstenaar in de loop der jaren met vorm, kleur en materiaal is omgegaan.

In de ruimtes achteraan staat het vroege werk, waaronder enkele van de eerste objecten in textiel die tot participatie van de toeschouwer uitnodigen – een kussen om je hoofd op te laten rusten, verschillende grillige, gevulde vormen die je rond je lichaam kan leggen – naast enkele grafische woordtekeningen aan de muur, en een video waarin twee handen op verschillende manieren het frame van het televisiescherm als ruimte afbakenen. Ook het recente werk Sternenstaub (2009) kreeg hier een plaats: een biografie van de kunstenaar, geschreven in potlood en aangevuld met gedetailleerde potloodtekeningen die zijn werkproces, tentoonstellingen en artistieke ontmoetingen illustreren.

De derde etage van WIELS biedt opnieuw zicht op een ‘veld’ – kleiner dit keer: een zwarte mat waarop verschillende instrumenten van Walther opgeplooid klaarliggen, in stevig wit katoen en met instructies, zodat ze hier wel uitgeprobeerd kunnen worden. Aan de twee muren eromheen hangen zwart-witfoto’s van de objecten uit de tijd dat ze gemaakt en uitgevoerd werden. De levendige kwaliteit van de foto’s die het gebruik van de objecten illustreren, met scènes in de buitenlucht en op grasvelden, staat in schril contrast met de ruimte in de kunsthal van WIELS, waar allicht weinigen het zullen wagen om met de objecten aan de slag te gaan. In verschillende teksten over zijn werk lezen we dat Walther een ruimtelijk bewustzijn bij de toeschouwers/deelnemers wilde creëren en dat de sociale relaties tussen mensen voor hem primeerden op de performatieve kwaliteit van de handeling. Zoals de foto’s tonen, hebben zijn werken echter vaak een sterk theatraal karakter. Een aantal instrumenten lijken, van zodra men ze gebruikt of ‘aantrekt’, door hun speelse omgang met geometrie verwant aan de figuren uit het Bauhaustheater van Oskar Schlemmer. Walther lijkt de uitgekristalliseerde vormen van Schlemmer in een omgekeerde beweging weer naar de mens te willen brengen, waarbij net de imperfectie van de vorm opvalt, die het werk doet ‘leven’.

Verder in deze ruimte wordt opvallend grootschalig werk getoond. Zo bijvoorbeeld Stellwerk (Wandformation) uit 1979: een stoffen constructie opgesteld tegen de wand, die het midden houdt tussen een (gelaagde) wandbekleding en een architecturaal object. Of 40 Sockel uit 1978: een reeks groengrijze sokkels, die werkloos tegen de muur zijn opgesteld. Klassieke sokkels zijn het echter niet: in plaats van een voorwerp te dragen, moet de mens (of het ding) erin plaatsnemen. De structuur draagt niet, maar omlijnt.

In het werk Mantel, Stahlstück uit 1969 komen de tegenstrijdigheden uit het werk van Walther nog eens duidelijk samen. De kunstenaar voerde bij de opening van de tentoonstelling een performance uit met dit werk, dat bestaat uit een paarsgrijze mantel en verschillende kleitabletten in een gelijkaardige kleur. Na afloop bleef het werk achter op de grond: zo ontstaat een beeld, als het bevroren eindresultaat van een handeling. Het is die tegenstrijdigheid – beweeglijkheid tegenover fixatie – die als een rode draad door de tentoonstelling loopt. Het lichaam beslist stelt vragen en doet kritisch kijken, maar maakt ook nieuwsgierig naar wat beweging en ervaring in relatie tot dit werk kunnen zijn. Het gaat uiteindelijk om een imaginaire beweging, een ingebeelde ruimtelijke ervaring, die in zichzelf wel de stilte en het meditatieve karakter behoudt dat Walther als een basiskenmerk van zijn oeuvre beschouwt.

 

Franz Erhard Walther – Het lichaam beslist (curator Elena Filipovic), tot 11 mei in WIELS, Van Volxemlaan 354, 1190 Brussel (02/340.00.53; www.wiels.org).