Pieter-Jan Cierkens

DE WITTE RAAF

Editie 173 januari-februari 2015

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Allegory of the Cave Painting – Extra City, Middelheim

De tweeledige groepstentoonstelling Allegory of the Cave Painting laat zich inspireren door het samenspel van kunst(geschiedenis) en wetenschap rond de Bradshaw Paintings. In een poging om deze prehistorische rotsschilderingen in Noordwest-Australië te dateren, ontdekten wetenschappers in 2010 dat de schilderingen gekoloniseerd worden door rode bacteriën en zwarte schimmels. Deze organismen overleven door hun ‘voorgangers’ af te breken en te verteren, waardoor de Bradshaw Paintings voortdurend vernieuwd worden. Bovendien zorgt de reactie tussen de bacteriën en schimmels er ook voor dat de tekeningen steeds dieper in de rotswand worden gegrift. Dit continue proces van reproductie en graveren verklaart de uitstekende staat van de schilderingen en hun typerende felle kleuren.

De bacteriële kolonisatie verleent de Bradshaw Paintings een bijzonder statuut. De tekeningen zijn tegelijk prehistorisch en fonkelnieuw. Het cyclische karakter van het reproductieproces maakt bovendien dat ze altijd ontsnappen aan het heden. De tekeningen belichamen zowel iets dat we onherroepelijk verloren zijn, als een ongrijpbare toekomst. Mihnea Mircan, artistiek directeur van Extra City en curator van Allegory of the Cave Painting, stelt dat de levende schilderingen ons (kunst)historisch begrip verstoren en presenteert de geselecteerde kunstwerken als een antwoord op deze problematiek. Het primaire luik in Extra City wil de prehistorische schilderingen als organisme benaderen, terwijl het kleinere luik – ondergebracht in het Braempaviljoen in het Middelheimpark onder de noemer Allegory of the Cave Painting: The Other Way Around – inzet op de relatie tussen kunst en de toeschouwer.

Allegory of the Cave Painting is een ambitieus project. Dat blijkt onder meer uit de grote selectie werken van circa veertig – overwegend hedendaagse – kunstenaars. Maar ook inhoudelijk mikt de tentoonstelling hoog. Via de Bradshaw Paintings wordt een zeer breed veld van thema’s aangeboord. De geselecteerde kunstwerken dienen hierbij als mediator in een spanningsveld tussen de specifieke Australische grotschilderingen enerzijds en de uiteenlopende, vaak universele thema’s anderzijds.

De installatie Liquid Crystal Environment van Gustav Metzger, een werk dat oorspronkelijk dateert uit 1965, is opgebouwd uit vijf diacarrousels. Elke dia bestaat uit twee glazen plaatjes waartussen warmtegevoelige, vloeibare kristallen zijn aangebracht. De projecties op de muren zijn het resultaat van fysische processen, geïnitieerd door technologie. Bij hun voortdurende transformatie worden de kristallen verhinderd buiten hun contouren te treden. Het resultaat is een fascinerend schouwspel met een organische fragiliteit. Metzgers werk lijkt het bacteriële reproductieproces van de Bradshaws te weerspiegelen. Tegelijk speelt het op een bijzondere wijze met het silhouet van de toeschouwer, wat vragen opwerpt over de impact van de mens op het beeld.

In de film Route sedentaire van Lonnie van Brummelen & Siebren de Haan staat de thematiek van verwering en de vraag naar conservatie centraal. In 2001 sleepte van Brummelen een gipsen Hermesbeeld van Amsterdam naar Lascaux. De performance werd gefilmd door De Haan op een 16mm-film die bij elke projectie vager wordt. Door het Hermesbeeld te hanteren als een stuk krijt dat een spoor op de weg achterlaat, roept Route sedentaire echter ook essentiële vragen op over de oorsprong van de westerse kunst: Griekse beeldhouwkunst versus prehistorische krijttekeningen.

In in girum imus nocte et consumimur igni van Susanne Kriemann worden een natuurlijk en een wetenschappelijk creatieproces met elkaar verweven. Ze toont hoe brokken van het mineraal gadoliniet door natuurlijke radioactiviteit afdrukken hebben achtergelaten op fotografische film. Een boek documenteert hoe het mineraal ooit het AEG-paviljoen verlichtte en in MRI-scanners en Iphones werd verwerkt. Deze wetenschappelijke toepassingen staan tegenover de onvermijdelijk associaties met de lijkwade van Turijn en de fundamenten van de westerse beeldcultuur.

Hoewel niet alle geselecteerde werken hun rol in het vernoemde spanningsveld even overtuigend vervullen, slaagt Allegory of the Cave Painting er zeker in de relevantie van de Australische rotsschilderingen als reflectief model aan te tonen. Dat de kernthematiek soms verwatert, heeft in de eerste plaats te maken met de ambitie van het project om een zeer breed veld van thema’s aan te kaarten. Ook eerder diffuse onderwerpen zoals ‘belichaming’, ‘vergeten technologieën’ en ‘de geboorte van kennis’ duiken in de tentoonstelling op. Niettegenstaande de werken die deze thema’s illustreren vaak bijzonder interessant zijn – Phillip Warnells fascinerende video Outlandish: Strange. Foreign Bodies bijvoorbeeld, die het thema ‘belichaming’ behandelt door te focussen op het vreemde lichaam – zijn ze soms moeilijk te situeren binnen het conceptuele kader.

Allegory of the Cave Painting start een dialoog tussen specificiteit en universaliteit. Het resultaat is een enigmatische tentoonstelling, een zoektocht waarbij de toeschouwer gedwongen wordt zelf betekenis te creëren door de gepresenteerde werken te situeren binnen een – misschien wel te breed opgevat – semantisch veld.

 

Allegory of the Cave Painting (deel 1), 20 september – 7 december 2014, Extra City Kunsthal, Eikelstraat 25, 2600 Antwerpen (03/677.16.55; http://extracitykunsthal.org).

• Allegory of the Cave Painting. The Other Way Around (deel 2), tot 29 maart in het Braempaviljoen, Middelheimmuseum, Middelheimlaan 61, 2020 Antwerpen (03/288.33.60; www.middelheimmuseum.be).