Edo Dijksterhuis

DE WITTE RAAF

Editie 173 januari-februari 2015

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Bekentenissen van de Imperfecte, 1848 – 1989 – vandaag

Vier jaar geleden was het Van Abbemuseum medeoprichter van L’Internationale, een alliantie van zes Europese musea in Madrid, Barcelona, Istanbul, Antwerpen, Eindhoven en Ljubljana. Die naam klinkt strijdvaardig en revolutionair, en dat is ook precies wat de leden willen uitstralen. Ze willen tegenwicht bieden aan ‘blockbustermusea’ en museale franchiseketens als MoMA, Guggenheim en Tate Modern, met hun gelikte programma’s en door de markt gehypete kunst die veilig staat te glanzen in het vacuüm van de white cube. Ze willen dat kunst er weer toe doet in de echte wereld.

Het Van Abbemuseum is onder het leiderschap van Charles Esche, de activist onder de Nederlandse museumdirecteuren, de afgelopen jaren getransformeerd tot een discussieplatform en ideeënforum. Een focus op publieksparticipatie, educatie en actuele maatschappijkritiek leverde tentoonstellingen op als Be(com)ing Dutch en meer recentelijk Arte Útil. Bekentenissen van de Imperfecte: 1848 – 1989 – vandaag, onderdeel van het in 2013 gestarte L’Internationale-programma The Uses of Art – The Legacy of 1848 and 1989, past naadloos in dat beleid.

De ambitie van de tentoonstelling is niet mis: een aanzet geven tot het schrijven van een alternatieve kunstgeschiedenis. De twee jaartallen uit de titel, 1848 en 1989, omspannen de periode waarin het modernisme ontstond en domineerde. Het is de periode waarin de kunst zich steeds verder opdeelde in ismen, terechtkwam in een eigen bubbel en ten slotte – afhankelijk van het perspectief – zich terugtrok uit de wereld of buitenspel werd gezet. Het zijn ook jaartallen met revolutionaire connotaties. In 1848, het jaar waarin het Communistisch Manifest werd gepubliceerd, werd de toekomst gemaakt. Overal in Europa braken revoluties en opstanden uit, op het eiland Réunion werd de slavernij afgeschaft en Mathieu Luis werd geïnstalleerd als het eerste zwarte parlementslid van Frankrijk. Zwitserland en Nederland kregen bovendien hun huidige grondwet. In 1989, het jaar van de val van de Muur, ging het ideologische vooruitgangsdenken op de storthoop. De fatwa tegen Rushdie, het eerste homohuwelijk, de komst van het internet, de privatisering van staatsbedrijf PTT – het was gedaan met de zekerheden.

Als gids in de alternatieve geschiedschrijving wordt John Ruskin opgevoerd. De Britse kunstcriticus, invloedrijk in de Victoriaanse tijd en herontdekt in de jaren zestig, was zowel communist als conservatief. Hij was sterk gekant tegen de modernistische mars der vooruitgang, die gepaard gaat met een volgens hem ongezond verlangen naar perfectie. Aan Ruskins boek Unto This Last (1860) zijn de woorden in de tentoonstellingstitel ontleend. En die sluiten aan bij de wereld van vandaag, een gefragmenteerde werkelijkheid die is ontdaan van Grote Verhalen.

In de eerste zaal wordt Ruskins gedachtegoed gepresenteerd aan de hand van aquarellen en prints van planten, gotische bouwwerken en landschappen. Er wordt verteld over de mobiele zuivelschool die hij opzette en de weg die hij zijn Oxfordstudenten met eerlijke lichamelijke inspanning liet aanleggen. De presentatie oogt enigszins statisch, wat nog wordt geaccentueerd door de grote abstracte barricade die dwars door de zaal loopt.

In de tweede zaal, na een uitstalling van vroegtwintigste-eeuwse vaandels van beroepsverenigingen, een spinnewiel en andere ambachtelijke objecten, is Jeremy Dellers So Many Ways To Hurt You, The Life And Times of Adrian Street (2010) te zien. De film portretteert de zoon van een mijnwerker die een carrière opbouwt als showworstelaar. De persoonlijke geschiedenis kan tot op zekere hoogte geëxtrapoleerd worden naar bredere maatschappelijke ontwikkelingen. Het is een emancipatorisch verhaal, maar niettemin vol melancholie. De bonkige, inmiddels oude man traint zijn spieren nog dagelijks, maar ziet ze onherroepelijk verslappen.

De werken die volgen nemen op soortgelijke wijze positie in en sommige slagen daar beter in dan andere. De zaalvullende installatie Power Food, Canbarricade van Miralda, die bestaat uit schappen gevuld met energiedrankjes in raketvormige bussen die namen dragen als B52, Semtex, Missile of XTC, is overdonderend in kleur en afmeting. Het werk is een echo van die eerdere barricade en confronteert de kijker met de uitwassen van de consumptiemaatschappij. Maar dat is het dan ook wel. Ook het werk van Akram Zaatari is dun. De Egyptische amateurs die op YouTube een weemoedig liefdesliedje zingen, corrigeren ongetwijfeld het gebruikelijke beeld dat we van de Arabische wereld hebben, maar wat dit werk te zeggen heeft over internet en big data – het thema dat deze zaal kreeg opgeplakt – is beperkt.

Veel complexer, prikkelender en beter zijn de werken van Renzo Martens en Wendelien van Oldenborgh. Martens wist bij de westerse kijker eerder al verwarring te zaaien met zijn in sarcasme gedrenkte project Enjoy Poverty, waarin hij arme Congolezen leerde hun eigen ellende te gelde te maken. In Eindhoven toont en verkoopt hij kleine Congolese koppen, gemaakt van de cacao die de geportretteerden jarenlang en tegen een hongerloon hebben geoogst voor multinationals. En weer wringt het.

In haar nieuwste en meest documentaire werk tot nu toe schetst Van Oldenborgh de geschiedenis van het Eindhovense experimentele wijkcentrum ’t Karregat. Aan de hand van interviews meandert de op drie schermen getoonde film van het revolutionaire, hoopvolle begin in 1973 via de onherroepelijke verwatering van idealen naar de pragmatische invulling heden ten dage, waarin hemelbestormers zijn vervangen door kleine ondernemers die antikraak wonen. Knap wordt hier in een notendop de werking van tijd en historisch perspectief getoond.

Nieuw is wat Bekentenissen van de Imperfecte probeert te doen niet. Sinds Francis Fukuyama het einde van de geschiedenis uitriep is het gefragmenteerd en non-lineair herschrijven van de historie gemeengoed geworden. Evenwichtig is de tentoonstelling evenmin. Een paar uitstekende werken en de stapeling van meerdere theoretische lagen die langs elkaar heen schuren maken desalniettemin dat Bekentenissen van de Imperfecte blijft hangen.

 

Bekentenissen van de Imperfecte, 1848 – 1989 – vandaag, tot 22 februari 2015 in het Van Abbemuseum, Bilderdijklaan 10, 5611 NH Eindhoven (040/238.10.00; www.vanabbemuseum.nl).