Marc Goethals

DE WITTE RAAF

Editie 180 maart-april 2016

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Nieuwe publicaties

Nikolaas Demoen. Tamelijk. Gent: Poëziecentrum, 2015. 36 blz. 1 afb. ISBN 978-9056552961

De dichtbundel Tamelijk van Nikolaas Demoen werd op 19 december voorgesteld in Netwerk / centrum voor hedendaagse kunst te Aalst. De bundel bevat 31 gedichten en één tekening. Tijdens de book launch liet Nikolaas Demoen de 31 gedichten voorlezen door evenveel mensen uit zijn kennissenkring. Deze leessessie is te bekijken via vimeo.com/152697632. De gedichten zijn gedrukt op roze papier en dat zou een zoeterige bijbetekenis kunnen oproepen, maar de poëzie zelf is ontdaan van elke sentimentaliteit. Het gestandaardiseerde A4-formaat geeft de bundel een alledaags karakter. Inhoudelijk is het alsof je door de ogen van de dichter naar de wereld kijkt. Zelf stelt hij dat de gedichten beelden beschrijven ‘die tussen de tekentafel en de huiskamer zijn gevallen’. Deze beelden rijgt hij aan elkaar zonder enige logica of verhaallijn te volgen. Boven de titelloze gedichten staat telkens een nummer (tussen 19 en 146), maar de gedichten zijn niet numeriek geordend. De afwezigheid van leestekens en hoofdletters werkt ondermijnend en de lezer wordt dikwijls gedwongen om zelf woordgroepen of zinnen samen te stellen. De gedichten zijn gezet in een groot, schreefloos lettertype met dubbele spaties tussen de woorden en een opvallend brede interlinie. Hierdoor vullen de korte gedichten de roze pagina’s bijna volledig en wordt de visuele aanwezigheid van de poëzie bijzonder groot. Nikolaas Demoen is in eerste instantie een beeldend kunstenaar en zijn dichtersdebuut kan ook als een kunstenaarsboek gezien worden. Deze cross-over tussen beeldende kunst en poëzie leverde in de 20e eeuw dikwijls oorspronkelijke publicaties op, denk aan Filippo Marinetti, Dieter Roth, Gerhard Rühm… Nikolaas Demoen bewijst dat deze tussenvorm nog steeds uitdagingen biedt.

 

Patricia Lee. Sturtevant: Warhol Marilyn. London: Afterall Books, 2016. 88 blz. 25 afb. ISBN 978-1-84638-163-8

Afterall is een onderzoeksplatform opgericht in 1998 aan de Central Saint Martins University of the Arts London. Aanvankelijk publiceerde Afterall enkel een tijdschrift, maar de organisatie groeide uit tot een belangrijke uitgeverij van theoretische teksten over hedendaagse kunst. Sinds 2006 publiceert Afterall onder andere een boekenreeks onder de titel One Work. In deze publicaties bespreekt telkens één auteur een cruciaal werk van een kunstenaar. Tot nu toe verschenen meer dan dertig titels waaronder A Line Made by Walking (Richard Long), Picture for Women (Jeff Wall) en Mappa (Alighiero e Boetti). Het recentste boek in de reeks behandelt Warhol Marilyn (1965) van de Amerikaanse kunstenares Elaine Sturtevant (1924-2014). Sturtevant is vooral bekend door de replica's die ze maakte van bekende kunstwerken, waarmee ze het specifieke statuut van het moderne kunstwerk ondergroef, met zijn aureool van originaliteit en uniciteit. Het boekje is goedkoop (£ 9.95), degelijk geïllustreerd en vertelt alles wat nodig is om de lezer op korte tijd te initiëren in het geselecteerde werk en het oeuvre van de kunstenares. De betekenis van het oeuvre van Sturtevant is niet voor de hand liggend. Haar werk riep aanvankelijk veel weerstand op en werd ook verkeerd geïnterpreteerd. In 1974 legde ze haar artistieke activiteiten voor meer dan tien jaar stil omdat ze zich mis begrepen voelde. Ondertussen wordt aan haar werk een steeds groter belang toegekend. Doordat de intentie waarmee ze de werken maakte veel belangrijker is dan de materiële uitvoering, trekt ze met haar oeuvre een lijn van Marcel Duchamp naar de conceptuele kunst. De auteur Patricia Lee citeert uitvoerig uit het boek Under the Sign of [sic]. Sturtevant’s Volte-Face van Bruce Hainley (Los Angeles, Semiotext(e), 2014), wellicht het beste boek dat over Sturtevant verscheen naast de catalogue raisonné The Brutal Thruth uit 2005.

 

Bjarne Melgaard. Psychopathological Notebook. New York: Karma, 2016. 200 blz. ISBN 978-1-942607-25-0

De Noorse kunstenaar Bjarne Melgaard (°1967) manifesteerde zich aanvankelijk met installaties die vooral verwezen naar black metal en sadomasochisme. Tegenwoordig maakt hij gebruik van een expressionistische schilderstijl die hij combineert met taal. Gezien die mix van woord en beeld is het niet onlogisch dat hij ook geregeld met boeken en posters aan de slag gaat. Zopas verscheen bij de New Yorkse uitgeverij Karma Psychopathological Notebook, een op het eerste zicht complexe bundel tekeningen en collages. Om te begrijpen wat er in het boek gebeurt, kan men best de inleidende tekst van Alison Gingeras lezen. Onder de titel L’Art Chez les Fous was in 1950 in het Hôpital psychiatrique Sainte-Anne van Parijs een tentoonstelling te zien van psychopathologische kunst. Meer dan tweeduizend werken van psychiatrische patienten werden er voorgesteld aan het publiek. De tentoonstelling werd onder meer bezocht door Jean Dubuffet en Karel Appel, voor wie outsiderkunst een belangrijke inspiratiebron was. De catalogus bevatte uitsluitend wetenschappelijke teksten van psychiaters en geneesheren. Karel Appel gebruikte dit boek als drager voor zijn Psychopathological Notebook. Hij stelde zich als het ware in de plaats van de patiënten en overschilderde en -tekende elke bladzijde in een spontane, optimistische stijl. Achteraf bleek het werk een iconografisch keerpunt in Appels oeuvre te zijn – zo maakten vogels en antropomorfe dieren hier voor het eerst hun opwachting. Bjarne Melgaard ging aan de slag met een gereproduceerde versie van dit Notebook (Bern, Verlag Gachnang & Springer, 1997). Met kleurpotloden, stiften en oil sticks bracht hij over de theoretische teksten en de tekeningen van Appel een derde laag aan, die opvalt door een agressieve tekenstijl en expliciet taalgebruik met morbide inslag. Soms kleeft hij losse tekeningen over de pagina’s, met brede, zwarte of rode tape. Elders bewerkt hij de bladzijden met fragmenten uit homo-erotische tijdschriften tot collages. Hierdoor wordt het contrast met Appels werk verhevigd. Het boek bevat nog een tweede tekst onder de titel Scared of Nothing, waarin Jamieson Webster de donkere, agressieve inhoud van Melgaards werk door een lacaniaanse bril bekijkt.

 

Dirk Zoete. The Be-Part Exercises. Amsterdam: Roma Publications, 1916. 128 blz. 140 afb. ISBN 978-9491843570

Nog tot 29 mei is in het Platform voor actuele kunst Be-Part te Waregem een tentoonstelling te zien met nieuw werk van Dirk Zoete (°1969). Hij toont een coherent ensemble dat bestaat uit potloodtekeningen, foto’s, sculpturen en een film. Het is duidelijk dat Dirk Zoete vertrek van zijn tekenwerk, waarin dikwijls gemaskerde menselijke figuren te zien zijn, aangekleed met vlakke, geometrische vormen en vergezeld van attributen die zowel uit het dagelijkse leven als uit een absurde fantasiewereld afkomstig zijn. Een lage horizonlijn en de suggestie van gordijnen en coulissen creëren een theatrale sfeer. Recent heeft Dirk Zoete deze getekende scènes omgezet in ruimtelijk werk dat bestaat uit losse onderdelen. In 2015 fotografeerde hij in de ruimte van Be-Part acteurs die zich met deze sculpturale elementen aankleedden en allerlei expressieve houdingen aannamen. De foto’s, die soms bewerkt zijn, monteerde hij tot een filmische sequens. Het resultaat is een opgewonden, houterig, maar geanimeerd ballet op muziek van het Gentse jazzcollectief De Beren Gieren. De titel van het nummer Rebel Jazz to Rebel Against is meteen ook de titel van de film. Het boek The Be-Part Exercises dat bij deze tentoonstelling verscheen, bevat uitsluitend reproducties die worden opgedeeld in tien hoofdstukken. Doordat vooral de kleurfoto’s afgebeeld worden, en in mindere mate de tekeningen en de sculpturen, verkrijgt het geheel bij het doorbladeren een seriële en choreografische kwaliteit. De publicatie illustreert vooral een nieuwe wending in het werk van Dirk Zoete. Een blad met een korte, pertinente tekst van Koen Sels onder de titel Waiting to be Worn is bij het boek gevoegd.