Dominic van den Boogerd

DE WITTE RAAF

Editie 182 juli-augustus 2016

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Robert Holyhead: Open Ground

Kunstverzamelaars die hun eigen expositieruimte of museum openen – het gebeurt steeds vaker. Hoewel zulke particuliere instellingen doorgaans meer geld kosten dan dat zij opleveren, is het einde van de groei nog niet in zicht. Nieuwste loot aan de tak is PARTS Project, gevestigd in een fraai grachtenpand aan de Toussaintkade in Den Haag. Initiatiefnemer is verzamelaar Cees van den Burg. Het is zijn ambitie tentoonstellingen te maken met internationaal talent dat in Nederland nog onvoldoende is belicht. Uitgangspunt voor het programma zijn de eigenzinnige ontdekkingen van particuliere verzamelaars, die soms sneller en alerter op ontwikkelingen reageren dan de grote musea. PARTS staat voor Private ART Sharing; het is een etalage voor collectioneurs die hun aankopen graag tonen aan het publiek.

Open Ground, de tweede expositie in PARTS Project, is het Nederlandse debuut van de Britse schilder Robert Holyhead (1974, Trowbridge, UK). Tien jaar geleden werd Van den Burg gegrepen door een afbeelding van Holyheads werk op internet. Direct reisde hij af naar Londen om de kunstenaar te ontmoeten en sindsdien koopt hij regelmatig werk van hem aan. Kunstenaar en collectioneur hebben nauw samengewerkt aan deze tentoonstelling. Zij hebben hun favoriete schilderijen uit het afgelopen decennium bijeengebracht, afkomstig uit privéverzamelingen in Nederland, Engeland en Duitsland. Het is voor het eerst dat Holyhead recent en vroeger werk in één tentoonstelling combineert.

De schilderijen zijn gemaakt met grote precisie en sensitiviteit. Door de kleine formaten krijg je de neiging er met je neus bovenop te gaan staan, om elk detail aandachtig te bekijken. De schilderijtjes nodigen de beschouwer uit om hun ontstaansgeschiedenis te reconstrueren. Hoe is het beeld opgebouwd? Wat kwam eerst, wat daarna? Hoe verhouden figuur en grond zich tot elkaar? En hoe werkt dat alles op elkaar in? Bij Holyhead is dat een intrigerend spel. Het oogt eenvoudig, maar steekt wonderlijk geraffineerd in elkaar.

Elk van de schilderijtjes is geschilderd in één heldere, stralende kleur. In het halftransparante azuurblauw, oranje, wijnrood of spinaziegroen zijn de beweeglijke kwastsporen nog duidelijk zichtbaar. Steevast wordt de kleur gecombineerd met wit. Dat kan een wit geschilderde vorm zijn, of een uitsparing in de verflaag die de witte ondergrond blootlegt, bijvoorbeeld enkele rechthoeken (Untitled (Step), 2015), drie blokjes (Untitled (Eye), 2014), of stippen ter grootte van een schroefkop (Untitled (Deep Red), 2012). Onbeschilderd linnen wil nogal eens de indruk wekken dat het schilderij niet af is, dat er een ‘gat’ zit in het beeld. Holyhead weet die valkuil te vermijden. Subtiel schakelt hij tussen onderschildering en overschildering. Aan het gronderen van zijn doeken besteedt hij minstens zo veel tijd en aandacht als aan het beschilderen ervan. Dat is de ‘open grond’ van de schilderkunst waar de titel van de tentoonstelling op doelt.

De voorstellingsloze beelden roepen allerlei associaties op. Untitled (Shaped) (2006), het vroegste werk op de tentoonstelling, zou je kunnen zien als vier vellen wit papier op een groene ondergrond. Untitled (Nairs) (2007) doet denken aan een architectonische ruimte. In veel van de schilderijen lijkt het beeld een fragment van iets dat zich niet goed laat thuisbrengen, iets dat onwillekeurig in het blikveld van de kunstenaar moet zijn verschenen en dat nu, als een soort visuele samenvatting ervan, op het doek een tweede leven krijgt. De onnadrukkelijkheid ervan is aangenaam. De werken zijn bescheiden en wellevend, voor zover je dat van schilderijen kan zeggen.

Behalve schilderijen omvat de tentoonstelling een reeks tekeningen, gemaakt met waterverf op papier en keurig uitgestald op witte schappen. Het zijn studies naar kleur, vorm, ruimte, proportie; een enkele diende als voorbeeld voor een schilderij. De tekeningen verraden de secure werkwijze van de kunstenaar. Holyhead houdt voortdurend de controle, mijdt onnodige risico’s. Ook een nonchalant gebaar oogt uiterst bestudeerd. Opvallend is dat hij er niet in slaagt meerdere kleuren in één werk te combineren. De enige poging daartoe die de selectie voor deze tentoonstelling doorstond, het schilderijtje Untitled (Veer) (2015), is een vreemde eend in de bijt die nieuwsgierig maakt naar wat er zou kunnen gebeuren als de kunstenaar wat ontvankelijker zou zijn voor de grillen van het toeval.

Robert Holyheads schilderkunst is abstract noch figuratief, en hoort thuis in een internationaal werkterrein waar je eenlingen aantreft als Raoul De Keyser, Mary Heilmann en Toon Verhoef. Met zijn gracieuze, delicate, gecondenseerde schilderijtjes heeft Holyhead een eigen positie binnen dit veld gemarkeerd, met her en der een knipoog naar een gewaardeerde collega (zo lijkt Untitled (Shapes) uit 2014 sterk op Het Glazen van René Daniëls uit 1984).

Inmiddels is de ontdekking van de Haagse verzamelaar uit 2006 een arrivé in het circuit. Holyhead wordt nu vertegenwoordigd door mastodonten van de kunsthandel als Karsten Schubert in Londen en Max Hetzler in Berlijn; zijn werk is aangekocht door onder meer de Tate. Dankzij de gedrevenheid van Van den Burg prijkt Holyheads werk ook in Den Haag – ooit de slaapstad van de muze, nu de bakermat van florerende kunstinstellingen als Nest, West en Stroom. Nieuweling PARTS Project is een welkom initiatief dat het aanbod verder verrijkt.

 

• Robert Holyhead, Open Ground, 22 mei – 10 juli 2016, PARTS Project, Toussaintkade 49, 2513 CL Den Haag (070/449.29.61; www.partsproject.nl).