Edo Dijksterhuis

DE WITTE RAAF

Editie 190 november - december 2017

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Painting Now

Livingstone Gallery is al ruim een kwarteeuw een vaste waarde in het Nederlandse galeriecircuit, maar opereert grotendeels onder de publieke radar. De Haagse galerie roert zich niet in de frontlinie van de conceptuele kunst. Kunstenaars worden niet voornamelijk van De Ateliers of de Rijksakademie geplukt, maar eerder van de lokale Koninklijke Academie voor Beeldende Kunst. De focus ligt meer op degelijke kwaliteit dan op modieuze trends.

Omdat je als veteraan niet meer in aanmerking komt voor spannende ‘New Art Sections’ met gereduceerde standtarieven, verzon galeriehouder Jeroen Dijkstra een list. Hij richtte Livingstone Projects op in Berlijn, een hybride plek tussen presentatieruimte en residentie. Kunstenaars van de galerie mogen er twee tot drie maanden gratis werken en exposeren. Tegelijkertijd geldt de dependance als verkenningspost, met de kunstenaars als buitenlandse voelsprieten van de galerie.

De eerste kunstenaar in Livingstone Projects was Jan Wattjes, die voor de Haagse moedergalerie de groepstentoonstelling Painting Now samenstelde. Wattjes heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een van de interessantste schilders van Nederland. Hij speelde zich in eerste instantie in de kijker met galeriegevels, nog behoorlijk figuratieve voorstellingen waarin vaak de weerspiegeling van zijn eigen lichaam in de ruit herkenbaar is. Geleidelijk werd het werk abstracter en subtieler, zeker toen Wattjes zijn blik naar het interieur verlegde. Hij kleedt nu de lege white cubes van Gagosian, David Zwirner, Paula Cooper en andere internationaal bekende galeriehouders uit totdat er niet meer overblijft dan vlakken wit, grijs en lichtgeel, soms met een harde horizontale of verticale lijn erdoor. Door met de kwast reliëf aan te brengen in de huid, verandert de aanblik naarmate de dag verstrijkt en het licht anders valt.

Voor Painting Now nodigde Wattjes collega-schilders uit die het volgens hem goed zouden doen in de Berlijnse residentie. Het zijn allemaal min of meer generatiegenoten, geboren rond of na 1980. Daarmee kan Painting Now ook gezien worden als een officieus vervolg op That Seventies Show uit 2005. Aaron van Erp (1978) was er als enige toen ook al bij. Hij is sinds die vorige groepstentoonstelling bij Livingstone internationaal doorgebroken met zijn ‘baconeske’ doeken. Hoofden lijken bij hem half weggeslagen schedels en er hangt altijd een zweem van morsigheid om de voorstellingen, of het nou een man met een brandende laptop is of een relatief rustig huiskamerstilleven met everzwijnkop aan de wand.

De doeken van Amir Tirandaz zijn op een andere manier verontrustend. De geboren Iraniër schildert uit zijn geheugen: opstootjes met politieagenten en wegversperringen die weinig goeds voorspellen. De groepjes figuren doemen op als uit de nevels van de herinnering, zonder houvast van een omgeving.

Het werk van Ruri Matsumoto lijkt een wereld verwijderd van Wattjes’ oeuvre, maar is er eigenlijk behoorlijk mee verwant. Deze Japanse voormalig leerling van Markus Lüpertz neemt geen galerieruimtes, maar cellen in het concentratiekamp Dachau als uitgangspunt. Matsumoto werkt echter niet in de ruimte. Wanden, vloeren en plafonds reduceert ze tot lijnen die ze eerst met draad ruimtelijk uitzet en daarna overbrengt op canvas. Gaandeweg zijn de composities chaotischer geworden: de lijnen zijn geëxplodeerd als een gewelddadig potje mikado. In haar laatste werk treedt er weer ordening op. De lijnen zijn verticaal gerangschikt en aangebracht met kwast op een met crêpetape afgeplakt doek. De verf kruipt onder de tape, die bij het verwijderen soms flinters meetrekt, of deels blijft plakken. Zo ontstaat een op het eerste gezicht strak lijnenspel dat bij nadere bestudering grillig en gevoelig blijkt.

Painting Now laat zien wat schilderkunst kan, maar niet alles is raak. Ingrid Simons’ zwart-witte landschappen met hier en daar een beetje blauw zijn kundig gemaakt, maar ademen een neo-expressionistische jaren tachtig sfeer. Veel spannender zijn de portretjes van Thijs Janssen, met zijn eenendertig jaar de jongste deelnemer aan de tentoonstelling. Je werpt een blik vanachter het soort plastic masker dat liefhebbers van cosplay of andere rollenspellen dragen. Door de hoekige ooggaten en de mondspleet zijn stukken te zien van een toetsenbord en een beeldscherm. Er wordt blijkbaar gechat met half ontklede dames; in een portretje is zelfs een cursor te ontwaren. De ‘traditionele’ schilderkunst brengt hier hedendaagse communicatie in beeld en hoe die wordt ingezet binnen het aloude fenomeen van voyeurisme.

 

Painting Now liep tot 4 november in Livingstone Gallery, Anna Paulownastraat 70a/b, 2518 BH Den Haag (070/360.94.28; livingstonegallery.nl).