Evelyn Simons

DE WITTE RAAF

Editie 197 januari-februari 2019

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Atelier E.B: Passer–By

Met Passer-By presenteert de Londense Serpentine, na in hun paviljoen al aandacht aan design te hebben besteed, een eerste tentoonstelling gewijd aan mode en de presentatie ervan. De titel introduceert het idee van window shopping, van het flaneren, en van hoe mode zich doorgaans aan ons openbaart als democratisch expressiemedium in het dagelijkse leven.

Onder de naam Atelier E.B maken, tonen en verkopen kunstenaar Lucy McKenzie en ontwerper Beca Lipscombe sinds 2007 mode in musea en cultuurhuizen. Het modelabel geldt daarbij als een vehikel voor een transdisciplinaire en hybride aanpak, vaak in samenwerking met andere kunstenaars en ontwerpers. Ondanks het feit dat ze in respectievelijk Edinburgh en Brussel werken (vandaar ‘E.B’), is het voornamelijk de gedeelde Schotse achtergrond die prominent aanwezig is in hun methodologie en esthetiek. De Arts and Craftsbeweging is bijvoorbeeld een onmiskenbaar referentiepunt, zij het meer als socio-economisch onderzoekskader dan als een stilistische nostalgie. Schotland is namelijk een toonaangevende producent in de textielindustrie, iets wat mede te danken is aan de terugkeer naar artisanale productiemethoden en de ijver voor craftmanship onder de A&C, maar worstelt met de eisen van de globale markt. Atelier E.B onderzocht dit gegeven in de publicatie The Inventors of Tradition, waarin het atelier ijvert voor het behoud van traditie en expertise.

Maatschappelijk onderzoek, kwaliteit, ethische productie en doordachte esthetiek vormen het fundament voor de activiteiten van Atelier E.B. Het is een idealistisch project dat afstand neemt van het moordende ritme van de modewereld. Het duo presenteert slechts een nieuwe collectie wanneer de tijd er rijp voor is. Het langdurige creatieproces, dat soms meerdere jaren bestrijkt, biedt ruimte voor onderzoek en duurzame samenwerkingen met kunstenaars, ontwerpers en gespecialiseerde fabrikanten die de expertise in huis hebben om de hoogstaande stukken te creëren.

De tentoonstelling bestaat uit drie delen: er wordt archiefonderzoek gepresenteerd, er worden samenwerkingen met andere kunstenaars getoond, en er is een afdeling gewijd aan de lancering van de Jasperwear Collection. Bij binnenkomst kondigt Lacuna, een pseudomonumentaal en -archeologisch fries van McKenzie, gemaakt in samenwerking met kunstenaar Markus Proschek, de frisse doch kritische kijk op het verleden en de traditie aan. De Grieks-Romeins geïnspireerde beeldfragmenten dragen hedendaagse accessoires uit Atelier E.B’s nieuwe collectie. Door de sculpturen als het ware te kleden, worden ze als hedendaagse mannequins opgevoerd, waarmee ze een ambigue reflectie bieden op de constructie van uniforme schoonheidsidealen. De voorkeur om archeologische vondsten uit de Klassieke Oudheid blank te laten bijvoorbeeld, eerder dan om hun kleurrijke beschilderingen te reconstrueren, genereerde door de eeuwen heen het ongenuanceerde idee dat de Klassieke Oudheid te herleiden is tot een eenduidige esthetiek. De mode-industrie, hoewel momenteel op een kantelmoment, construeerde de afgelopen decennia eveneens één dogmatisch schoonheidsideaal dat als keurslijf weinig ruimte liet voor individualiteit en diversiteit.

Het archiefdeel biedt veel kennis en anekdotes over de ontwikkeling van het etaleren van mode in etalageopstellingen en op mannequins in de voorbije tweehonderd jaar. Foto’s, tekst en videomateriaal geven een inkijk in de wereld van de wereldtentoonstellingen, de opkomst van de zogenaamde department stores, van modebeurzen en van modetijdschriften. Met dit materiaal gaat het duo aan de slag: Lipscombe brengt een hommage aan de Britse Surrealist Eileen Agar (1899-1991) met een interpretatie van haar werk Angel of Anarchy (1936-1940), een gipsen afgietsel van het hoofd van Agars verloofde Joseph Bard, gewikkeld in zijde, veren en kralen, dat eruitzag als een vervrouwelijkt engelenhoofd. Het werk is hier gereproduceerd met behulp van een poppenhoofd en textiel uit een eerdere E.B-collectie. Kunsthistorica Patricia Almer stelt in de bijbehorende publicatie dat voor vrouwelijke surrealisten de engel een belangrijk symbool was dat het potentieel van hybriditeit en verandering in zich droeg, en daarmee het patriarchaat ondermijnde.

Voor het tweede deel werden kunstenaars uitgenodigd om een mannequin of display te ontwerpen voor de voorgaande Atelier E.B-collectiestukken. Zo ligt een witte jersey jurk met zwart meandermotief uitgekiend gedrapeerd op een plexiglazen tafel van Tauba Auerbach. Auerbach is een Californische kunstenaar die in haar beeldend werk de grenzen aftast tussen kunst en grafisch ontwerp, en daarmee de parameters van visuele en ruimtelijke perceptie ontrafelt én overstijgt. Het running dog-motief, symbool voor oneindigheid, loopt gedrukt over de stof, in de plooi van de jurk op de tafel, en geeft de tafelpoten vorm in een totale trompe-l’oeil.

Het slotstuk is de presentatie van de Jasperwear Collection. Dankzij de inrichting als kledingwinkel is het mogelijk op bepaalde tijdstippen de kleding te passen en te kopen. De naam van deze collectie verwijst naar Josiah Wedgewood, die in de jaren zeventig van de achttiende eeuw een nieuw type neoclassicistisch keramiek ontwikkelde. Deze inspiratie, in een stijlvolle mix met Egyptische en Scythische referenties, illustreert Atelier E.B’s eigenzinnige omgang met wat culturele appropriatie heet. De luxueuze kasjmieren truien en sjaals, en verfijnd gedrukte zijden bloezen hebben een stevig prijskaartje, dat echter in het tentoonstellingsparcours gemotiveerd wordt. Daar zien we het lange onderzoeks- en creatieproces, de duurzame samenwerkingen, het hoogstaande (kostbare) Schotse textiel en de nagestreefde transparantie in het maakproces.

De tentoonstelling is eclectisch, gecondenseerd en bij momenten moeilijk te ontrafelen. Dat komt ook door de talloze samenwerkingen, voorbeelden en inspiratiebronnen. In het programmaboekje worden al deze ‘deelnemers’ (actief, dan wel passief) zonder hiërarchie vermeld, wat een collectief auteurschap suggereert. Het biedt een alternatief voor de gangbare vormen van branding en zelfpromotie die we doorgaans in mode, maar ook in hedendaagse kunst terugvinden.

Passer-by presenteert ook ‘Cleo’, een applicatie die Atelier E.B ontwikkeld heeft voor het virtueel verbinden van zijn klanten en volgers. McKenzie en Lipscombe zeggen met dit instrument een open platform te willen creëren waarop hun klanten eigen initiatieven kunnen delen, en foto’s kunnen posten van hoe ze de Atelier E.B-kledingstukken in hun outfits verwerken, teneinde een gemeenschap rond het merk uit te bouwen. Deze toevoeging bevestigt het ambigue karakter van de tentoonstelling, die enerzijds een commerciële agenda verraadt, maar tevens een bewonderingswaardig voorbeeld stelt voor hoe een modelabel zich anno 2019 zou kunnen profileren: als een gemeenschap die kracht put uit kennisdeling, samenwerking en compromisloze ethiek.  

• Atelier E.B: Passer–By, was tot 6 januari te zien in Serpentine Sackler Gallery, West Carriage Drive, Londen W2 2AR.