Beatriz Van Houtte Alonso

DE WITTE RAAF

Editie 206 juli-augustus 2020

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Re-practice Re-visit Re-turn

Architecten de vylder vinck taillieu (advvt) stellen de resultaten tentoon van workshops die ze afgelopen jaren gaven in KADK Kopenhagen, Tokyo Institute of Technology en CASS School of Art in Londen. Studenten werden gevraagd om de ontwerpprincipes – ‘inzichten’ of ‘essentie’ – van een gebouw in Vlaanderen toe te passen op een site in hun eigen stad. In Tokyo en Kopenhagen gaat het om woningen van advvt zelf, in Londen om zes huizen en een kapel van Vlaamse architecten als Juliaan Lampens en René Heyvaert. Advvt pleit voor re-practice eerder dan re-search, met andere woorden voor ‘praktijk als onderzoek’. De belangrijkste onderzoeksvraag draait daarbij om de context. Wat gebeurt er als je een huis uit Vlaanderen plukt en overzet naar Tokyo of Kopenhagen? Wat betekent dit voor het gebouw en wat betekent dit voor de ‘context’?

Met Re-practice Re-visit Re-turn stellen advvt hun positie pertinent in vraag. In een interview op de website van het VAi benadrukt Jo Taillieu hoe deze oefening een manier is om eigen werk kritisch te herbekijken. De tentoonstelling nodigt uit om hetzelfde te doen met het internationaal architectuuronderwijs. Wat is de waarde, en nog belangrijker, het effect van het aanstellen van Belgische lesgevers, hoe gerespecteerd ook, aan de andere kant van de wereld? Vandaag kennen studenten van Slovenië tot Chili bureaus zoals advvt via allerlei kanalen: magazines en tentoonstellingen, maar ook (en vooral) online tegenhangers als Instagram, Pinterest en ArchDaily. Hoe kunnen referenties op een afstand van duizenden kilometers ‘contextueel’ blijven? Wat is de betekenis van context in een geglobaliseerde (architectuur)cultuur?

In plaats van het als intern vraagstuk te zien, onderzoeken advvt deze kwesties in ‘wederzijds debat’ met studenten. De re-practice die ze voorstellen is idiosyncratisch en veeleisend, maar ook transparant. Het tweerichtingsverkeer kan op verschillende manieren geïnterpreteerd worden. Enerzijds stelt een gerenommeerd bureau een bescheiden en genereuze vraag aan studenten: wat zien jullie in ons werk? Anderzijds is deze re-practice een vorm van welwillend opportunisme, aangezien advvt zowel geven als nemen. Jan De Vylder maakt er in lezingen geen geheim van dat de studentenpopulatie niet alleen een bron van inspiratie is, maar ook goedkope werkkracht levert – een idee dat ingebed is in een bredere stagecultuur en dat vandaag meer en meer aan de kaak wordt gesteld. Ook de energie achter deze ontwerpen verdient erkenning: de minutieuze maquettes, voorzien van groene I-liggers tot en met kamerplanten, gingen zonder twijfel niet enkel met plezier en overtuiging gepaard, maar ook met bloed, zweet en tranen.

De aanstekelijke fantasie waarmee op Re-practice Re-visit Re-turn gebouwen worden bewerkt, leent zich echter niet lang tot realiteitszin. Advvt’s oefening mag dan over context gaan, ze is ook utopisch. Kostprijs, functie, regelgeving zijn niet van tel: wat overblijft is ‘pure’ architectuur. Door de randvoorwaarden heel concreet te maken, komt paradoxaal genoeg vrije, lichtjes verwilderde – in Kopenhagen zelfs extravagante – architectuur tot stand. De keuze van één referentie bevrijdt studenten van de nood om formele keuzes te verantwoorden. Door de ‘re-’ in re-practice wordt de aandacht van zowel de ontwerper als de bezoeker geconcentreerd, en winnen kleinere ontwerpbeslissingen aan scherpte en precisie. Het reduceren van keuzes laat in dit geval toe om, in de woorden van Susan Sontag, meer te zien, meer te horen, meer te voelen.

Het voortdurend herbezoeken van dezelfde architecturale elementen, operaties en referenties is symptomatisch voor advvt’s werk. ‘De blik van de ander’, zoals de directeur van het VAi Sofie De Caigny stelt, leidt tot positieve ver-andering. Japanse studenten tonen door middel van hun interpretatie van de ‘essentie’ van advvt’s woningen hoe (bestaande) gebouwen worden beschouwd als manipuleerbare objecten. Vol enthousiasme worden woningen geknipt, geplakt, gedraaid, geschoven, geplooid, gestapeld, beklad, in- en uitgepakt. De studenten lijken echter te beseffen dat deze spontane kwaliteit zich niet gemakkelijk vertaalt naar nieuwbouw. De beuk die als objet trouvé door de woning Bern Heim Beuk wordt omarmd, het nieuwe huis gemaakt uit stellingen in het oude bakstenen huis van Rot-Ellen-Berg en de diagonale versnijdingen in de reconversie van Woning Vos zijn moeilijk elders te reproduceren. Dat sommige Japanse ontwerpen daarom wat geforceerd ogen, betekent niet dat ze niet leerrijk of kwaliteitsvol zijn. Het is juist door het belang van het bestaande in het werk van advvt dat de betekenis van ‘context’ des te complexer, en het onderzoek des te relevanter wordt.

In de ‘verhuis’ ondergaan de woningen noodzakelijkerwijs een transformatie. In grote lijnen tonen de drie steden drie basisoperaties: in Kopenhagen worden de woningen geperst in kleine onbenutte percelen, in Londen worden ze geëxpandeerd tot publieke plekken, en in Tokyo worden ze uiterst precies ingepast in een dicht stedelijk weefsel. Volgens de architecten kunnen deze transformaties begrepen worden als ‘transcripties’. Dit klinkt echter iets te netjes voor al ‘het kronkelen en wringen’, in de woorden van CASS-docent Philip Christou, en ‘de vervreemding en het botsen’, zoals verwoord door CASS-studenten Michelle Lo en James Osborne. In de smalle percelen in Kopenhagen puilen de woningen uit, op het groteske af; in Londen wordt een uitgestrekte villa van Lampens een compact torentje; in Tokyo transformeert een rijwoning met subversieve wachtgevel in een losstaande patiowoning. Vooral dit laatste is een intrigerende metamorfose: de studenten kregen niet enkel een referentie van advvt, maar ook van het Japanse bureau Atelier Bow-Wow – een vruchtbare combinatie. De tekeningen van Bow-Wow lijken op stripverhalen en de woningen op miniatuursteden. De kruisingen van de studenten tonen hoe complex wonen kan zijn: de eengezinswoning die je in Gent achteloos voorbijfietst, wordt in hun handen een metropolitane microkosmos.

Re-practice re-visit re-turn is een tentoonstelling in transit. Noch het onderzoek, noch de workshops, noch de tentoonstelling zijn echt afgesloten. De huidige versie is bedoeld als tussentijdse presentatie van een doorlopend project – de transportkisten waarop de maquettes uitgestald staan maakt dit expliciet. Volgens advvt handelt het over verlangen, volgens Christou over ‘poëzie in plaats van geschiedenis’. Suggestie, vragen en verbeelding staan boven harde conclusies en systematiek, in tegenstelling tot bijvoorbeeld het werk rond context en typologie dat de Zwitserse architecten Christ & Gantenbein met hun studenten ontwikkelden. Het resultaat is rijke en dynamische grilligheid, maar de complexe en contradictorische realiteit van ‘context’ blijft gedeeltelijk buiten schot. De rechttoe rechtaan attitude van re-practice is bevrijdend voor een ontwerper, maar wat blijft daarvan over buiten de ideale sfeer van de architectuurschool? Architecten de vylder vinck taillieu zijn dus (nog) niet helemaal teruggekeerd.

 

• Re-practice Re-visit Re-turn heropent op 9 september en loopt tot 10 januari 2021, Vlaams Architectuurinstituut, deSingel, Jan van Rijswijcklaan 155, Antwerpen.