Laura Herman

DE WITTE RAAF

Editie 207 september-oktober 2020

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Rachel Rose

Voor de solotentoonstelling van Rachel Rose (1986) in Lafayette Anticipations werden de verdiepingen van het negentiende-eeuwse industriële complex geconfigureerd tot traditionele ruimtes, met dik tapijt bekleed. In tegenstelling tot de meer dynamische presentaties van onder meer Lutz Bacher (De Witte Raaf nr. 194), Atelier E.B en Hella Jongerius, werd geopteerd voor een klassiek verloop langs een vaste route, dat een intensere zintuiglijke ervaring en verhoogd bewustzijn teweeg zou brengen. Het gebouw werd in 2018 door OMA getransformeerd tot een mobiele machine met flexibel in te delen platforms. De lineaire opbouw van Roses tentoonstelling verlegt de aandacht van de architectuur naar de immersieve kwaliteiten van haar werk. Er ontstaat een contemplatieve, gedempte sfeer, passend bij het gewichtige uitgangspunt: wat maakt mensen tot mensen – en hoe wordt daarvan afgeweken?

Verspreid over drie verdiepingen zijn vijf video-installaties en een reeks sculpturale werken te zien waarin Rose je meevoert langs de stadia van voor de geboorte tot voorbij de dood. In de eerste ruimte, donker en laag, staan eivormige sculpturen van steen en glas op gekunstelde sokkels. Rose maakte The Borns (2020) terwijl ze in verwachting was, en de sculpturen refereren letterlijk aan de prenatale fase: het begin van alles, ook van deze tentoonstelling. De vrees voor een al te evident chronologisch narratief wordt echter snel weggenomen. The Borns fungeert niet zozeer als introductie, maar als synthese van alle fases die verderop aan bod komen. Rose behandelt leven en dood niet als rigide categorieën, maar als fluïde concepten. Ook het materiaal waaruit de eieren zijn opgebouwd, verwijst naar simultaan opererende temporaliteiten: van de geologische tijd van steenformaties tot de industrieel gedefinieerde tijd van glas, een materiaal dat in enkele seconden tot een gladde vorm gegoten kan worden. Zo werpt dit eerste, van vitalisme doordrongen werk, meteen de vragen op die ten grondslag liggen aan Roses praktijk. Wat is leven? Wanneer begint het, en waar houdt het op?

Ook het audiovisueel werk toont hoe het organische en het kunstmatige verstrengeld zijn. Zowel het leven als de kunst draaien rond de onontkoombaarheid van doodse leegte, en de pogingen om die op te vullen. De video Sitting Feeding Sleeping (2013) staat zowel technisch als esthetisch in schril contrast met de recente high-end filmproducties van Rose. In een snelle, associatief opgebouwde montage vermengt ze zelf geschoten beelden van verveelde dieren in de dierentuin met found footage van medische labs waarin ‘levensverlengende’ experimenten worden uitgevoerd. Of het nu gaat om een apathische ijsbeer of om ingevroren mensen, alle onderwerpen in deze film verschijnen als ‘natuurlijke machines’. Ze wringen zich in abstracte, geconstrueerde levensvormen; ze zijn dood maar levend, leeg en toch in beweging – gevoelloos, afgestompt.

De dood is minder afgebakend dan we vermoeden, en die onbepaaldheid geldt ook voor andere levensfases: ze lopen in elkaar over. Prachtig is de animatiefilm Lake Valley uit 2016, die de troebele overgang verbeeldt van kindertijd naar volwassenheid. Het perspectief is dat van een ontroerend sympathieke held, een fictief wezen dat het midden houdt tussen een kat en een hond, en tussen een muis en een konijn. Het kindbeeld dat ontstond door de komst van het nucleaire gezin ten tijde van de industriële revolutie, impliceerde een duidelijk onderscheid met de volwassenheid. Rose hertekent de ervaring van de kindertijd als een onbegrensd, mysterieus terrein dat niet te herleiden valt tot één specifieke levensfase.

Op de tweede verdieping keert Rose met Wil-o-Wisp (2018) nog verder terug in de tijd, naar de agrarische revolutie. Op de vloer worden beelden uit de film vervormd gereflecteerd in drie ovale bollen (Optical Eggs). Hoofdpersonage is de fictieve mysticus en genezer Elpsbeth Blake, in het zestiende-eeuwse Engeland, waar op dat moment de overgang van feodalisme naar vroegkapitalisme plaatsgreep, en de daarmee gepaarde enclosure-beweging – de ‘omheining’ oftewel privatisering van gemene gronden. Het is ook de context van de heksenjachten, op vrouwen die zich verzetten tegen deze vormen van primitieve accumulatie, en tegen de controle die over hun lichaam en voortplanting werd uitgeoefend. In Roses film verschijnt het Engelse landschap als bondgenoot van de vrouw, en als een wereld die aan niemand toebehoort: het landschap is zélf in leven en verzet zich actief tegen menselijke domesticatie.

De hang naar esoterie en occulte impulsen, naar sjamanisme en animisme, ligt, tot vervelens toe, ten grondslag aan veel hedendaagse kunstenaarspraktijken, maar bij Rose fungeren alchemie, magie en spiritualiteit in de eerste plaats als referenties aan een oud kunsthistorisch thema: het besef van onze sterfelijkheid en hoe daarmee wordt omgegaan. Alchemisten zagen de wetten van de natuurlijke wereld als kneedbaar, zo schreef Elvia Wilk in de catalogus van Palisades, Roses solotentoonstelling in de Serpentine Sackler Gallery in 2015. Als ‘geheime kunst’ werd alchemie, net zoals natuurgeneeskunde, lang als verdacht of zelfs gevaarlijk beschouwd, maar de zoektocht naar het ‘levenselixer’, de heilige graal en sleutel tot onsterfelijkheid, wordt vandaag voortgezet onder een nieuwe vorm, gedreven door een transhumanistisch vrijheidsideaal. Je kunt de nodige vragen stellen bij de mens-, wereld- en levensvisie die ten grondslag liggen aan dit nieuwe streven naar onsterfelijkheid, want het gaat om een zelf-geregisseerd evolutionair mensbeeld van een kleine groep geprivilegieerden. Niet zozeer het lot van de mensheid doet ertoe, als wel de vervulling van de narcistische wens om je eigen biologisch materiaal te laten voortleven (denk aan Jeffrey Epstein die naast zijn hersenen ook zijn geslachtsdeel cryogeen wilde bewaren, zodat hij zijn DNA na de ‘dood’ verder door zou kunnen geven).

Waar de tentoonstelling aanvangt met de embryonale staat van leven, sluit Rose af met een ‘buitenlichamelijke’ ervaring. Everything and More (2015) combineert een interview met astronaut David Wolf over zijn ruimtereis met abstracte beelden van onbestemde vloeistoffen. Bij een vrouw die een kind in haar buik draagt, eist de zwaartekracht zijn tol, daar kun je je iets bij voorstellen. Voor een astronaut die net is neergedaald op aarde is de gravitatie echter even onwaarschijnlijk als verpletterend. Er schuilt nederigheid in Wolfs onvermogen om zijn bovenzintuiglijke ervaringen talig te maken. Net zoals de onbegrensdheid van het universum, de leegte van de dood of de eindeloosheid van het eeuwige leven, ontsnappen ze aan elke poging tot representatie, menselijk begrip of controle. Dat besef, en de nederigheid die dit afdwingt, zal de mens, zo toont Rose, echter niet hinderen om onvermoeibaar pogingen te blijven ondernemen om de grenzen van het menselijk bestaan te doorbreken. 

 

• Rachel Rose liep tot 13 september in Lafayette Anticipations, 9 Rue du Plâtre, Parijs.