Dominic van den Boogerd

DE WITTE RAAF

Editie 208 november-december 2020

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

John Constable

Eerlijk gezegd vind ik John Constable (1776-1837) een nogal saaie schilder. Zijn werk wordt tot de romantiek gerekend, maar het steekt bleekjes af bij de onstuimige vervoering van William Turner, de ijzingwekkende verlorenheid van Caspar David Friedrich, de exotische roes van Eugène Delacroix. Constable streefde naar een landschapsschilderkunst van waarneembare feiten, naar ‘een zuivere weergave van het natuurlijk effect’, zoals hij dat omschreef. Bij voorkeur schilderde hij het graafschap Suffolk uit zijn jeugd, waar zijn vader windmolens en scheepswerven bezat en waar hij verliefd werd op zijn buurmeisje Maria, met wie hij trouwde en zeven kinderen kreeg. ‘Constable Country’ wordt de streek tegenwoordig genoemd. Glooiende velden met grazende schapen, een trekschuit bij een sluis, een kerktoren in de zon – het is allemaal even bedaagd en tuttig als slaapverwekkend.  

Het wordt pas interessant wanneer Constable het hoofd in de nek legt en naar boven kijkt. Nauwgezet observeerde hij het samenspel tussen wolken, wind en licht. In meerdere werken op deze tentoonstelling in Teylers Museum lijkt het landschap slechts een excuus om de hemel erboven af te beelden. In Landschap met windmolen bij Brighton (1824) bijvoorbeeld, eisen wolken vrijwel het gehele beeldvlak op; een kudde schapen op de voorgrond is gereduceerd tot nietige stipjes. We zien hoe stapelwolken hoog boven de horizon uittorenen, in onze richting lijken te drijven en hun schaduw vooruitwerpen. Dit is geen brave pastorale, dit is een portret van bewolking in actie.

In de jaren 1821 en 1822 maakte Constable vrijwel uitsluitend wolkenstudies. Een dozijn is hier bijeengebracht. Omdat wolkenluchten steeds veranderen, moest de kunstenaar snel en efficiënt te werk gaan. Hij schilderde op een stuk linnen of karton dat was vastgeprikt op het deksel van zijn schilderkist. Vaak stond alles er in een oogwenk op, in één dunne laag verf. Soms zijn gedeeltes onbeschilderd gebleven, en voegt het bruingrijs van de ondergrond zich onopvallend in het palet. 

Enerzijds zijn wolken een vertrouwd onderwerp; ze figureren al prominent in kindertekeningen. Anderzijds vormen ze een ongrijpbaar motief, letterlijk en figuurlijk. Het formaat van wolken, hun volume, omtrek, substantie – het is allemaal even wazig. Om wolken te schilderen, moet Constable hebben gedacht, moest hij begrijpen hoe ze ontstaan, zich formeren, hoe ze bewegen. Op de achterkant van sommige studies noteerde hij niet alleen plaats, datum en tijdstip, maar ook windrichting, luchtvochtigheid en luchtdruk (een barometer hoorde tot zijn standaarduitrusting). Zo wist hij een grillig en instabiel natuurverschijnsel in kaart te brengen met de objectiviteit van een meteoroloog.

In Gezicht op Londen met een dubbele regenboog (1831) zijn twee onalledaagse natuurverschijnselen in één schets verenigd. Een dubbele regenboog – op zichzelf al bijzonder – wordt doorkruist door zogeheten antizonnestralen, lichtstralen die vanuit een punt op de horizon recht tegenover de zon lijken te komen (en die je alleen kunt zien, als je geluk hebt, met je rug naar de zon). Constable slaagt erin deze zeldzame lichteffecten correct weer te geven. Schilderkunst was volgens hem een vorm van wetenschappelijk onderzoek naar de wetmatigheden van de natuur. Zijn studieuze aanpak onderscheidt hem van zijn rivaal Turner, wiens schilderijen hij minzaam betitelde als ‘visioenen, geschilderd in kleurige stoom’.

Constable was niet de enige romanticus die zich in wolkenluchten verdiepte, ook Caspar David Friedrich wijdde er talloze studies aan. Friedrichs wolken zijn overdonderend en ontzagwekkend: zilveren nevelen die bergtoppen in het niet doen verzinken, onmetelijke sluiers in het uitspansel, badend in de oranje gloed van de ondergaande zon. Vergeleken bij Friedrichs godenschemering zijn de wolken van Constable nuchter, feitelijk en allesbehalve spectaculair. Constable is de Piet Paulusma van de wolkenschilderkunst. Dat enkele weerkundige meetinstrumenten uit de museumcollectie in de tentoonstelling zijn opgenomen, zou hem plezier hebben gedaan.

Toch herkende Constable in de wolkenhemel ‘het voornaamste orgaan van het sentiment’. In De baai van Weymouth (1816) pakken gitzwarte onweerswolken samen boven een baai en dompelen de omgeving in duisternis, twee verloren figuurtjes op het strand vangen nog net een straaltje licht. In Storm op zee (1824) scheurt het woeste wolkendek open, terwijl boven zee de regen in vlagen neerklettert. In schetsen als deze kunnen de dik en grof geschilderde luchten gemakkelijk worden begrepen als spiegel van innerlijke turbulenties, van Constables herhaaldelijke periodes van zwaarmoedigheid bijvoorbeeld, of van zijn diepe rouw om zijn jonggestorven vrouw.

Inspiratie vond Constable in de Hollandse landschapsschilderkunst uit de zeventiende eeuw. Een aparte zaal is aan zijn grote voorbeelden gewijd. In Constables privéverzameling van zo’n drieduizend prenten bevond zich een afdruk van De drie bomen, een ets van Rembrandt uit 1643 met een dramatisch zwerk, dat meermaals terugkeert in zijn eigen werk. Op latere leeftijd kopieerde hij een schilderij van Jacob van Ruisdael, Landschap met windmolens bij Haarlem (1655), in de Dulwich Picture Gallery in Londen. Origineel en kopie hangen nu naast elkaar. Een vergelijking pakt niet in Constables voordeel uit. Van Ruisdaels kleine maar monumentale voorstelling is een overtuigende weergave van een frisse dag waarop bewolking en zonneschijn afwisselen. In Constables versie is het landschap door de fellere kleuren en grotere contrasten verworden tot een wat kitscherig uitgelicht toneeltje.

Veruit de meeste werken op deze tentoonstelling zijn afkomstig uit de omvangrijke collectie van verzamelaar David Thomson, aangevuld met enkele bruiklenen uit musea in Oxford en Londen. De publiekstrekkers ontbreken, maar dat nadeel heeft een voordeel: nergens worden de wolkenstudies zo in het zonnetje gezet als hier. De olieverfschetsen van wattige stapelwolken en waterkoude mist mogen dan niet subliem, verpletterend of adembenemend zijn, Constable wist met vorsende blik en vaardige hand het geheime leven van wolken te ontsluieren.

 

• John Constable, tot 31 januari 2021 in Teylers Museum, Spaarne 16, Haarlem.