Catherine Cosemans

DE WITTE RAAF

Editie 41 januari-februari 1993

print Print

Hou deze tekst mee gratis beschikbaar.
Stort uw bijdrage.


Of neem een (steun)abonnement.

Spookbeelden

Over de sculpturen van Rachel Whiteread

In het Van Abbemuseum kan nog tot 31 januari de tentoonstelling “Rachel Whiteread sculpturen 1990 - 1992”  bezocht worden. Catherine Cosemans ontfutselt de “negatieve vormen” van deze jonge Britse kunstenares (London, 1963) enkele betekenissen.

In de zalen van het Van Abbemuseum werd telkens een beperkt aantal van de monumentale gietvormen opgesteld die Rachel Whiteread bekomt door de binnenruimte van sanitaire installaties, matrasachtige objecten of architecturale elementen uit de huiselijke omgeving te materialiseren in plaaster, rubber of was. De vroege werken zoals “Ghost”  en “Ether”, vervaardigd in neutraal en afstandelijk plaaster, functioneren zelfstandig architecturaal en dringen de huiskamerproporties aan de omgevende museumruimte op. De meer recente werken die tegen de muren van het museum “leunen” - “vleien zich neer”, “strekken zich uit” - suggereren onmiskenbaar menselijke lichamelijkheid, bijvoorbeeld “Untitled”(Double Amber Bed)  en “Untitled”(Amber Slab) .

De titels van de werken (“Ghost”, “Ether”, “Untitled”  ) geven aan dat Rachel Whiteread - hoe paradoxaal dit op het eerste gezicht ook lijkt - de vorm op subtiele wijze ondermijnt. Zij maakt niet het positief beeld van bijvoorbeeld een badkuip, maar stelt de herinnering eraan aanwezig door in broos, niet tegen afbrokkelen bestand gips de indruk te materialiseren die deze vorm bij het afgieten nalaat. De toeschouwer bevindt zich in een toestand waarin hij is aangewezen op zijn geheugen en dit schijnt precies de plaats te zijn waarheen Whiteread ons wil leiden. De matras, de badkuip, de gootsteen, het podium, de Victoriaanse woonkamer en de grafsteen hebben in de museumruimte weinig betekenis tot op het ogenblik dat zij zich in onze geest hebben vastgehecht en de herinnering aan levenservaringen ontketenen. Rachel Whiteread wil dat het beeld werkt zonder de hulp van een discours, een scenario dat achtergrond verleent. Op deze wijze garandeert ze dat alle associaties van de toeschouwer tot het kneedbaar vloeiend oppervlak herleid kunnen worden.

De aanvankelijke voorkeur voor de kleurloze, plaasteren materie van de vroege werken suggereert verlies en vergankelijkheid. Spontaan associeert men deze sculpturen met graftomben. Bovendien is vorm die door afbrokkeling verandert, en die aldus laat vermoeden dat het beeld mettertijd zal verdwijnen, inadequaat en onzeker.

De recentere afgietsels daarentegen zijn uiterst sensueel: de was, de honing- en amberkleurige rubber verlenen de materie een uitgesproken antropomorf karakter. De plooien van een tegen de muur opgetrokken matras lijken op huidplooien (“Untitled” (Double Amber Bed) , 1991, rubber en schuim). De sculpturen nodigen uit tot aanraking om de afstand tussen realiteit en de voorstelling ervan te overbruggen. In het oeuvre van Rachel Whiteread trachten beide elkaars terrein te betreden. “Ghost”  is in dat opzicht een voorbeeld met een voor zichzelf sprekende titel. In 1991 maakte Rachel Whiteread van binnenuit afgietsels van de vier zijden van een alledaagse huiskamer ergens in Londen en voegde deze later weer tot één sculptuur bijeen. De schoorsteenmantel, het in werkelijkheid meest solide element van het interieur, vormt een holte waarop zwart roet een onuitwisbaar spoor nalaat. De nisvormige uitsparingen van ramen en deuren worden uitstulpingen van de wand. Met deze contradictorische expressie van een kamer waarbij de sporen herinneren aan de activiteiten en emoties die zich daarbinnen afspeelden, belichaamt “Ghost”  de ambigue grens tussen interieur en exterieur, deze onbestemde plaats waar het leven van de dromen en de dromen van het leven elkaar ontkennen.

Al deze termen waarmee men de sculpturen van Rachel Whiteread kan beschrijven, drukken een voorlopige toestand uit. Whiteread spreekt over de onzekerheid van de vorm in een cultuur die niet gemachtigd is de waarheid van de duisternis en het licht van het leven te verklaren. Meer dan in welke periode van de geschiedenis voelt de mens zich immers overweldigd door de benauwende nadrukkelijke betekenis die alles, buiten hem om, op krijgt gedrukt.

 

“Rachel Whiteread sculpturen 1990 - 1992”  nog tot 31 januari in het Van Abbemuseum, Bilderdijklaan 10, 5611 NH Eindhoven (040/38.97.30).