Nieuwe publicaties (19)
• John Baldessari. Pure Beauty. London, Tate Modern, 2009. 336 blz. 400 ill. ISBN 978-1854378224
Deze catalogus verschijnt naar aanleiding van een solotentoonstelling in Tate Modern van 13 oktober 2009 tot 10 januari 2010. Er zijn ongeveer 130 werken samengebracht. Daarenboven creëerde de kunstenaar één installatie. De tentoonstelling zal reizen naar Barcelona, Los Angeles en New York. Naast de catalogus kan de bezoeker ook boodschappentassen, stukken zeep, postkaarten, meetlatten, T-shirts en potloden aanschaffen met opschriften van Baldessari.
• Claude Closky. Les miens suivi de Biennales. Limoges, Edition Al Dante, 2009. 96 blz. ISBN 978-2-84761-995-2
In dit kunstenaarsboek publiceert de Franse kunstenaar Claude Closky (°1963) voor het eerst gedichten in de klassieke sonnetvorm. Inhoudelijk gebruikt hij enkel eigennamen van moderne beroemdheden. Het boek werd voorgesteld in het Louvre op 13 november tijdens een lezing met Umberto Eco.
• Hans-Peter Feldmann / Hans Ulrich Obrist. Interview. Köln, Verlag Walther König, 2009. 130 blz. 132 ill. ISBN 978-3865606600
Dit kunstenaarsboek bevat een interview met de kunstenaar Hans-Peter Feldmann en de curator Hans Ulrich Obrist. Feldmann beantwoordt de uitgeschreven vragen telkens met enkel één beeld.
Van Hans-Peter Feldmann verscheen onlangs ook de 4de druk van het boek Voyeur (1ste druk 1994, 2de druk 1997, 3de druk 2006). Zoals bij de vorige herdrukken zijn de pagina’s ook nu weer herschikt, is het lettertype veranderd en de kleur van de cover hernieuwd (thans rood).
• Giorgio Maffei. LeWitt. Artist’s Books. Spoleto, Galleria Civica d’Arte Moderna, 2009. 144 blz. ISBN 978-88-903459-2-0
Geïllustreerd overzicht van alle 76 kunstenaarsboeken die van Sol LeWitt werden gepubliceerd tussen 1967 en 2002.
• Kris Martin. Idiot. Aspen, Aspen Art Press, 2009. 1.496 blz. ISBN 978-0934324458
Voor dit kunstenaarsboek heeft de Belgische kunstenaar Kris Martin (°1972) het boek De Idioot van F.M. Dostojewski met de hand overgeschreven. De naam van het hoofdpersonage verving hij door zijn eigen naam. Deze dikke paperback wordt verkocht voor amper $15,-. Kris Martin heeft een tentoonstelling in Aspen (USA) die loopt van 11 december 2009 tot 24 januari 2010.
• Gerhard Richter. Obrist – O’Brist. Köln, Verlag Walther König, 2009. 184 blz. 102 ill. ISBN 978-3-86560-692-1
Nieuw kunstenaarsboek van Gerhard Richter waarin hij de inhoud net iets anders manipuleert dan in zijn laatste twee kunstenaarsboeken: Warcut (2004) en Wald (2008). Ditmaal worden fragmenten van interviews van curator / vriend Hans Ulrich Obrist afgewisseld met fragmenten van schilderijen, portretfoto’s van Obrist en blanco pagina’s. De foto’s zijn bewerkt met verf. In het boek zijn de beelden en de teksten afwisselend recht en ondersteboven afgedrukt, waardoor het boek in twee richtingen kan bekeken worden. Het boek heeft dan ook 2 covers.
• Mathieu Ronse. Mathieu Ronse 2000-2009. Paris, Galerie Almine Rech, 2009. 368 blz.
Catalogus op A4 formaat met het volledige werk van de (jonge) kunstenaar. Alle beelden (installaties, schilderijen) zijn evenwaardig behandeld: één beeld per pagina, doorlopend van de cover tot de achterflap.
• Ed Ruscha. On the Road. London / New York, Steidl / Gagosian Gallery, oktober 2009. 228 blz. 55 afb. € 6.800,- ISBN 978-3-86521-947-3
Ed Ruscha illustreerde de klassieke roman On the Road van Jack Kerouac (1957) met 55 foto’s. Deze luxueuze, in leder gebonden editie verscheen in een gesigneerde en genummerde oplage van 350 exemplaren. Voor de prijs van dit boek kan je natuurlijk ook een stapel kunstenaarsboekjes van Ed Ruscha uit de jaren 60 aanschaffen. On the Road lees je dan in een Penguin-uitgave voor enkele euro’s.
• Yann Sérandour. Inside The White Cube. Zürich, Christoph Keller Editions / JRP / Ringier, oktober 2009. 84 blz. ISBN 978-03764-043-2 (Franse versie) en 978-03764-042-5 (Engelse versie)
Voor dit kunstenaarsboek heeft de Franse kunstenaar Yann Sérandour (°1974) het boek Inside The White Cube. The Ideology of the Gallery Space van Brian O’Doherty (1986) laten overdrukken met afbeeldingen en teksten van en over zijn eigen werk. Yann Sérandour is bekend voor zijn parasiterend en parodiërend werk. Zo publiceerde hij in 2004 Thirtysix Fire Stations in een identieke vormgeving als Twentysix Gasoline Stations (1963) van Ed Ruscha.