width and height should be displayed here dynamically

Jakob Kolding

Bij de ontwikkeling van de Amsterdamse Zuidas drong al snel het besef door dat kunst en cultuur een integraal onderdeel zouden moeten vormen in de ontwikkeling van het zakendistrict. Het Virtueel Museum Zuidas (VMZ) geeft sinds 2003 richting aan kunst- en cultuurprojecten op de Zuidas. Een van deze projecten is het Artists-in-residence-initiatief Vrije Ruimten, waarbij kunstenaars worden uitgenodigd voor een werkperiode in het voormalige Sint Nicolaasklooster. Ze krijgen vijf maanden de tijd om te reflecteren op de ontwikkeling van het nieuwe stedenbouwkundige gebied.

De Deense kunstenaar Jakob Kolding (Albertslund, 1971) had het na ruim een week wel gezien en dat is begrijpelijk als je zijn eindpresentatie van de werkperiode ziet. Die presentatie vindt niet zoals gebruikelijk plaats in de vaste expositieruimte van het VMZ, maar in Stedelijk Museum Bureau Amsterdam. Kolding laat een reeks collages zien, voornamelijk in zwart en wit, waarin de discrepantie tussen urbane planningsconcepten en het daadwerkelijke gebruik van de openbare ruimte centraal staat. In een werk als Planning and Reality worden de bureaucratie en de slogans van plannenmakers afgezet tegen grillige vlekkenpatronen en een getergd classicistisch beeld. De strijd tussen de economische belangen die gemoeid zijn met gebieden als de Zuidas en het persoonlijke belang van het individu is een ongelijke.

Getuige de tentoonstelling in SMBA was Koldings korte verblijf op de Zuidas slechts een aanleiding om zich meer in het algemeen te verdiepen in de sociale en ideologische betekenis van modernistische architectuur, een thema dat hem al langer fascineert. In zijn collages vinden we motieven terug die refereren aan tal van bronnen, van Alice in Wonderland tot de architectuur van Le Corbusier, die je als de geestelijke grootvader van de Zuidas zou kunnen beschouwen. In twee collages laat Kolding een donkere lucht opdoemen achter een Unité d’Habitation-achtig gebouw, waarbij eenzame figuren ingeklemd worden tussen aarde en lucht.

Andere grootstedelijke structuren doen soms denken aan Constants New Babylon. Maar terwijl de mens daar is gepromoveerd tot een vrolijke, eeuwig mobiele homo ludens, lopen de figuren in Koldings werken rond als een kip zonder kop, of hangen ze ondersteboven te staren naar teksten of structuren die ze niet kunnen bevatten. Soms worden architecturale bouwsels overwoekerd door planten en boomtakken, of wordt hun rigide ordening afgezet tegen de sierlijke vormen van vliegende vogels.

Koldings iconografie blijft in sommige werken hangen in een wat simplistisch idioom van figuren die letterlijk en figuurlijk gebukt gaan onder betonnen gebouwen. In zijn beste werken zit echter ook genoeg vervreemding en humor. Kolding maakte ook vier posters die in de openbare ruimte rondom de Zuidas werden verspreid – vreemd genoeg was daar in en rond de kantoren zelf geen plaats voor. Zijn werk krijgt sociale of zelfs activistische trekjes als hij de bezoeker uitnodigt om met een bedrukt T-shirt naar de Zuidas te gaan. In de tentoonstelling lagen T-shirts klaar en iedereen mocht een gratis exemplaar meenemen. Zou het een ironisch gebaar zijn van een kunstenaar die zich onmachtig voelt ten opzichte van het grootkapitaal op de Zuidas? Of overschat de kunstenaar hier werkelijk de macht van het individu?

 

Stakes is High van Jakob Kolding liep van 28 maart tot 16 mei in Stedelijk Museum Bureau Amsterdam, Rozenstraat 59, 1016 NN Amsterdam (020/422.04.71; www.smba.nl).