width and height should be displayed here dynamically

Parenthesis, Tielt Beelden Buiten 1992

Na Nederland, Frankrijk, West-Duitsland en Groot-Britannië is Oostenrijk deze zomer te gast op de openluchttentoonstelling “Beelden Buiten”. De karaktervolle tuin De Brabandere vormt voor de vijfde maal het decor voor de confrontatie tussen het werk van Belgische kunstenaars en kunstenaars uit het gastland. Griet De Sauter, die de vorige editie van “Tielt Beelden Buiten” voor haar rekening nam, en Kurt Vanbelleghem over “Parenthesis”.


In de vorige edities werd telkens geopteerd voor vijf Belgische en vijf buitenlandse kunstenaars. Deze keer echter is het evenwicht verbroken en stellen drie Belgische en zeven Oostenrijkse kunstenaars tentoon. Is het kwalitatieve verschil zo uitgesproken of is de Belgische voorraad goede actuele kunstenaars uitgeput?

Een ander belangrijk verschil is dat er voor de eerste maal gekozen werd voor een conceptuele omkadering die niet als een dwingend keurslijf het geheel omsluit, maar die de gedachte stimuleert en op geen enkele manier de autonomie en de vrijheid van de denk- en leefwereld van de kunstenaars aantast, aldus curator Piet Vanrobaeys. Hij koos naar analogie met de werktitel van het project van Franz West voor de term “Parenthesis”. Hiermee wil hij zeggen, wij citeren: “het tussen haakjes plaatsen, het even afzonderen zonder te begrenzen, parenthesis in plaats en in tijd en vooral in gedachten. Kunst als parenthesis, als moment van verwijling, van stilstaan en rondkijken, van geconcentreerde mentale openheid en fysische rust.”

Met “parenthesis” wordt slechts geëxpliciteerd wat reeds impliciet aanwezig was in alle voorafgaande edities van “Beelden Buiten”. Het is duidelijk dat het “even afzonderen zonder te begrenzen” alleen al door de specifieke eigenschappen van de tuin (de kleine vijver, de eeuwenoude bomen, de talrijke binnentuintjes, de verborgen paadjes en hoekjes) versterkt wordt. De ommuurde tuin, die enkel voor “Beelden Buiten” opengesteld wordt, bewerkt immers door zijn gesloten karakter bij de toeschouwer een ander ruimtelijk gevoel; hij benadert het werk op een heel specifieke manier.

Rondgang

Eén van de belangrijkste kwaliteiten van “Beelden Buiten” is dat de kunstenaars steeds uitgenodigd worden tot het creëren van een werk in functie van de tuin. Wel valt bij het overlopen van de vorige edities op dat de kunstenaars telkens ongeveer dezelfde plaatsen uitkiezen wat aanleiding geeft tot een zekere voorspelbaarheid. De bespreking van de werken gebeurt in de volgorde waarin een mogelijke rondgang gemaakt kan worden.

Franz West is één van de belangrijkste vertegenwoordigers van de hedendaagse Oostenrijkse kunst. Hij vervaardigt in Tielt voor de tweede maal in zijn oeuvre een buitenwerk. West brengt een gelaste constructie van 4,80 op 5 op 3,50 meter waaraan Richard Fleissner, zijn medewerker, synthetische drijfriemen bevestigt. Het opschrift “Wie hier binnentreedt kan laten wat hij wil” boven de toegang van de kooi verschaft de nodige uitleg om tot een interpretatie van het werk te komen. Het is een soort afkickkamer waarin de persoonlijke, psychische en fysische energie (waaronder de seksuele) tot ontlading kan komen. Het belangrijkste element is het obsessief lichamelijke dat door de ineenvlechting van de drijfriemen weergegeven wordt. De vraag is echter of Franz West er wel degelijk in geslaagd is om een goed functionerende buitensculptuur te maken. Zou het werk niet krachtiger zijn, niet een grotere intensiteit uitstralen indien het in een grote gesloten ruimte zou staan?

Honoré d’O speelt op een poëtische manier in op de specifieke eigenschappen van de tuin. De chaotische aanwezigheid van de uit piepschuim en ijzerdraad gemaakte mieren geven op het eerste gezicht een ludieke indruk. Door de bedreigende impact van de bij tientallen overal aanwezige beestjes en de eigenzinnige materiaalkeuze krijgt het speelse werk een heel andere dimensie waardoor het uitgroeit tot een van de betere werken van de tuin.

Franz Graf: onvolledig, volledig, ledig.

Enkmar Trenkwalder vertrekt vanuit de historische Weense tuinarchitectuur. De geordende fragmenten van die tuinarchitectuur verschijnen nu als koele ornamenten in een organische omgeving. De witte kleur in het groene kader accentueert het vervreemdende van de keramieksculptuur. Hij baseert zich op elementen die reminiscenties oproepen van de historische kunst maar door de vooropgestelde schijnordening is het tevens een kritische denkoefening ten aanzien van die oudere kunsten. Het werk laat een sterke visuele indruk na. Toch is het spijtig dat het een traditie lijkt te worden dat er steeds op dezelfde plaats een werk met identieke vierkante vorm geëxposeerd wordt, zoals reeds bij de vorige edities het geval was.

Manfredu Schu brengt zijn intuïtieve, filosofische gedachtengang in de vorm van een totaalkunstwerk. Door het samenbrengen van verschillende elementen wil hij zijn persoonlijke positie als kunstenaar met de wetenschappelijke en exacte wereld confronteren en afbakenen. De kunstenaar als voortbrenger van zachte vormen bindt steeds de strijd aan met de hardheid van de gestructureerde wereld. Maar door het gebrek aan relationele duidelijkheid tussen de verschillende elementen laat hij slechts een verwarde indruk na.

De objecten van Loïs Weinberger geven aanleiding tot een klare en rechtlijnige interpretatie. Bij het betreden van het door bomen aan het oog onttrokken paadje krijgt men de indruk dat men zich op een sluikstort bevindt. Deze indruk wordt echter niet overstegen. Het achteloos nalaten van een voorwerp op die plaats werd reeds in de vorige editie door Ludwig Vande Velde gethematiseerd. Weinberger roept echter een totaal ander beeld op door de quasi nonchalante aanwezigheid van wegwerpprodukten zoals plasticzakken, dozen…

De minimale enscenering die kenmerkend is voor het oeuvre van Heimo Zobernig wordt ook deze maal ten tonele gevoerd. Hij brengt een kegelvormige put met daarnaast een kegelvormige hoop aarde. De positieve-negatieve sculptuur is extreem eenvoudig. Het werk laat bindingen toe met persoonlijke menselijke situaties, maar kan niet verhinderen dat het de toeschouwer met een verveeld déjà-vu beeld opzadelt.

“For the right to doubt”, het werk van Filip Van Isacker in de vorm van een gedenksteen geeft de veranderde visie van de kunstenaar op zijn eigen oeuvre uitstekend weer. Met deze nomadische sculptuur verwijdert hij zich van de minimale positie die hij vroeger innam. Het werk kan door de technische mogelijkheden (het aanpassen aan iedere ondergrond) los van de strikte context gezien worden waardoor het echter niet zijn esthetische waarde verliest. Alhoewel het werk op verschillende plaatsen in de tuin tot zijn recht zou kunnen komen, is de huidige locatie uitstekend gekozen. Deze sculptuur is zeker een van de belangrijke schakels binnen het werk van Van Isacker.

Reeds bij het binnenkomen valt het monumentale werk van Richard Venlet sterk op. Het is aan de zijkant van de tuin geplaatst en bestaat uit drie wit gepleisterde muren die verwijzingen zijn naar ruimtes waar hij vroeger tentoonstelde. De nieuwe, witte muren zijn evenwijdig met de 15de eeuwse kloostermuur gebouwd. Deze tegenstelling geeft zijn werk nog een extra dimensie. De positie en het concept van het werk maken het tot een van de hoogtepunten in de tentoonstelling.

Martin Walde brengt zijn werk buiten de tuin De Brabandere in het nabijgelegen publieke vredespark. Het werk bestaat uit 49 zwarte rubberpijlen die willekeurig in het park neergelegd worden. Hiermee benadrukt hij de stuurloosheid, de richtingloosheid binnen de wereld en meer specifiek binnen de kunstwereld.

Wim Delvoye zou een sculptuur in de tuin plaatsen die echter omwille van technische problemen (nog) niet afgewerkt was. Daarom staat geen werk van hem in de tuin maar neemt hij wel deel met een schets van dit beeld in de catalogus.

 

• De tentoonstelling “Parenthesis” heeft plaats op het Generaal Maczekplein, 8700 Tielt. Voor meer inlichtingen kunt u bellen naar 051/402935. De tentoonstelling loopt tot 20 september en is open van 14.00 tot 18.00 uur.

Naast de tentoonstelling “Beelden Buiten” in tuin De Brabandere brengen de kunstenaars nog ander recent werk in twee galeries te Tielt. Galerie CD, een nieuwe galerie in het centrum van Tielt, die opende op vrijdag 26 juni, brengt dezelfde kunstenaars als in de tuin. Galerie CD, Kortrijksestraat 44, 8700 Tielt, 051/40.77.81. Galerie De Gryse brengt Richard Fleissner, Franz Graf, Matthias Hammer, Manfredu Schu, Enkmar Trenkwalder, Martin Walde en Loïs Weinberger. Galerie De Gryse, Rameplein 22-23, 8700 Tielt, 051/40.04.18.

In Gent worden eveneens Oostenrijkse kunstenaars gepresenteerd. In Fortlaan 17 loopt tot 30 augustus een solotentoonstelling van Manfred Wakolbinger. Meer info: 091/22.00.33. Opus Operandi organiseert “Austria Libera” met werk van Andreas Karner, Rudolf Polanszky, Ryslavy, MafreDu Schu en Otto Zitko. Het adres: Tentoonstellingslaan 32, 9000 Gent.