width and height should be displayed here dynamically

Fong-Leng & Fans – 60 jaar Fashion & Faam

Fong-Leng & Fans – 60 jaar Fashion & Faam, Museum JAN, Amstelveen, 2026, foto Eddy Wenting

Een gouden loper naar acht mannequins, opgesteld als een scenografisch ensemble, vergezeld van videoprojecties die de kledingstukken ook in beweging tonen. Zo wordt de bezoeker van deze tentoonstelling over de couture- en confectiewerken van de Chinees-Nederlandse Carla Maria Fong Leng Tsang (1937) ontvangen in Museum JAN in Amstelveen. De figuren zijn gehuld in creaties met brede schouderlijnen, wijde vlinder- en raglanmouwen, smalle tailles en klokkende rokken. Rijke stoffen zoals satijn en voile, verwerkt in ruches en plissés, gaan samen met uitgesproken kleuren en dierlijke prints. Het veelvuldige gebruik van (metallic) lamé, suède en leren applicaties versterkt de weelderige silhouetten. De mannequins staan op gouden, cilindervormige platformen.

De presentatie typeert meteen de extravagantie, kleurenrijkdom en uitbundigheid van Fong-Lengs creaties, die haar onderscheidden van tijdgenoten als Frans Molenaar, Dick Holthaus en Max Heymans. Hun werk sloot voornamelijk aan bij het klassieke Parijse voorbeeld, gekenmerkt door verfijnde damespakken in terughoudende kleurstellingen als marineblauw, zwart en beige. Fong-Lengs creaties daarentegen zijn doordrongen van speelsheid, ongedwongenheid en, simpelweg, plezier. Dat ze geen traditionele modeopleiding volgde en als autodidact buiten bestaande conventies opereerde, kan hier mede aan ten grondslag liggen. Ook haar Nederlands-Chinese culturele achtergrond, die ze op expressieve wijze verwerkte, speelt een belangrijke rol. De optelsom resulteert in een eigenzinnige visie en een afwijkend geluid, waarmee ze een uitgesproken vorm van diversiteit introduceerde binnen het Nederlandse modeveld.

Fong-Leng was bovendien een van de weinige vrouwelijke modeontwerpers van haar tijd die zich nadrukkelijk wist te positioneren. Hoewel kleding historisch gezien door vrouwen werd gemaakt, zij de primaire consumenten van mode zijn, en nog steeds het merendeel van de afgestudeerden aan modeopleidingen vormen, bleven vrouwen lange tijd ondervertegenwoordigd in leidinggevende en canonieke posities. Door zich een weg te banen naar zichtbaarheid en haar ervaring als vrouw expliciet in haar ontwerpen te verwerken, wist Fong-Leng dit paradigma te doorbreken. Binnen haar doctoraatsonderzoek, waarin feministische theorieën worden toegepast op vrouwelijke modeontwerpers en hun werk, laat Karen Van Godtsenhoven zien hoe ontworpen kleding door vrouwen voor vrouwen te begrijpen valt als een vorm van embodied writing, een belichaming die vaak ontbreekt in traditionele historische bronnen. Ook binnen die optiek is Fong-Lengs authentieke culturele en vrouwelijke representatie bijzonder betekenisvol en bewonderenswaardig.

De Nederlandse pers deelde deze bewondering echter niet altijd. Hoewel de expo verslaggeving toont over Fong-Lengs extravagante shows (onder meer in Theater Carré, het PSV-voetbalstadion en het De Mirandabad) kwam er soms ook ronduit denigrerende kritiek. In een hoek van de hoofdzaal wordt verwezen naar deze gecompliceerde relatie met de pers, maar slechts summier. In een beknopte zaaltekst staat dat ‘niet iedereen fan was van haar creaties of haar uitgesproken karakter’ en dat haar opvallende stijl voor sommige modejournalisten ‘even wennen’ was. De tekst hangt naast een prikbord met artikelen van modejournalist John de Greef, die uitsluitend lovend over Fong-Lengs werk schreef. Toch noteerde bijvoorbeeld Dieuwke Grijpma, in De Telegraaf in 1979, dat het vooral ‘dames van een niet al te zwaar kaliber, dames van het hoogopgespoten soort met in het gezicht de sporen van te veel make-up en te weinig nachtrust’ waren die zich tot Fong-Lengs ontwerpen aangetrokken voelden. Het is deels begrijpelijk dat dergelijke negatieve formuleringen geen plaats kregen in de tentoonstelling, die immers is opgezet om Fong-Lengs oeuvre te vieren. Het opnemen van kritische stemmen zou echter een breder en historisch rijker perspectief bieden op de context waarin zij opereerde en juist haar doorzettingsvermogen benadrukken.

Fong-Leng heeft, zoals de titel van de tentoonstelling verkondigt, een trouwe schare fans opgebouwd, waaronder mode-icoon en societyfiguur Mathilde Willink. Zij krijgt in Museum JAN relatief weinig aandacht, maar in Kasteel Ruurlo, in samenwerking met Museum MORE, loopt nog tot 28 juni de tentoonstelling Fong-Leng & Mathilde. Chic Le Freak. Waar het in de expo in Amstelveen vooral om draait, zijn hedendaagse ontwerpers die zich door Fong-Leng hebben laten inspireren. Een gouden, volledig geplisseerde jurk van Mattijs van Bergen uit 2021, gecombineerd met tealblauwe lederen avondhandschoenen, toont esthetische parallellen met Fong-Lengs werk. Hetzelfde geldt voor de cirkelvormige, oudroze geplooide tulejurk van David Laport uit diens collectie Local Vegetation uit hetzelfde jaar. De link voelt soms oppervlakkig omdat concrete uitleg ontbreekt. Inspiratie gaat verder dan overeenkomstige beeldtaal en behelst ook de ontwikkeling van een ontwerpfilosofie die tactiliteit overstijgt. Haar werk had ook besproken kunnen worden in relatie tot hedendaagse onderwerpen als inclusiviteit, diversiteit en de wisselwerking met de media. De combinatie van Fong-Lengs oeuvre met andere ontwerpers had deze verbanden beter kunnen uitlichten.

Het knelpunt van de tentoonstelling is dan ook dat het werk van Fong-Leng onvoldoende ruimte krijgt om met zichzelf of met externe referenties in dialoog te treden. En laat dat nu net hetgene zijn dat een oeuvretentoonstelling per definitie zou moeten bieden. Fong-Leng is zonder twijfel een invloedrijke en belangrijke speler in de ontwikkeling van het Nederlandse modelandschap, en het is dan ook volledig terecht dat daar op deze schaal aandacht aan wordt besteed. Parallellen worden zichtbaar gemaakt, maar concrete reflecties ontbreken grotendeels. Ondanks deze beperkingen bevestigt de expositie Fong-Lengs pioniersrol.

 

Fong-Leng & Fans – 60 jaar Fashion & Faam, tot 6 april, Museum JAN, Dorpsstraat 50, Amstelveen.